Tijdens een zitting is het belangrijk om een cliënt van zijn of haar beste kant te laten zien. Met deze non-verbale tactieken zorgt u ervoor dat uw cliënt zo goed mogelijk voor de dag komt, zonder een woord te zeggen.

Door Michiel Andreae

Handen
In de Verenigde Staten werd voor een onderzoek een rechtszaak in scène gezet.[1] De jury bestond uit proefpersonen, alle andere deelnemers aan het proces (rechter, officier, advocaten enzovoort) waren acteurs en actrices. Ook was de zaak volledig op script gezet.

De zaak werd met twee verschillende jury’s van proefpersonen behandeld. Het experiment dat werd uitgevoerd, betrof de lichaamstaal van de verdachte. Zo hield hij in de ene zaak zijn handen onder tafel. De jury kon zijn handen dus niet goed zien. Bij de andere zaak had de verdachte zijn handen rustig op tafel liggen.

Het oordeel van de proefpersonen? De verdachte wiens handen niet te zien waren, werd beoordeeld als onbetrouwbaar, geniepig en verdacht. Toen de verdachte echter zijn handen rustig op tafel had liggen, was de jury veel minder negatief over hem.

Conclusie: zorg ervoor dat uw cliënt de handen in het zicht houdt. Ook rechters zijn gevoelig voor non-verbale indrukken.

Nerveus
Een zitting kan spannend zijn voor een cliënt die dat niet regelmatig ervaart. Dit kan zorgen voor nervositeit en ongemak. Helaas kan de rechter of de wederpartij dat onbewust anders interpreteren: heeft de cliënt of verdachte iets te verbergen?

Er zijn drie belangrijke gedragingen die voorkomen dienen te worden. Het betreft handenwringen, spelen met ringen of kettinkjes en nerveus met een voet tikken.

Nu zijn de voeten van een cliënt op zitting niet altijd niet zichtbaar. Een rechter heeft vaak beperkt zicht en ziet meestal niet meer dan de torso van de cliënt. Waarom zou deze dan niet met de voeten mogen tikken om bijvoorbeeld de zenuwen wat de temperen? Welnu, het tikken zorgt voor een lichte beweging in het lichaam waardoor de cliënt niet stilzit. Ook dat is iets wat onbewust wordt opgemerkt en meeweegt in het oordeel over de cliënt.

Oogcontact
Afhankelijk van de gewenste positie van uw cliënt is meer of minder oogcontact gepast. Iemand kan hiermee verschillende indrukken wekken, bijvoorbeeld krachtig of schuldbewust.

Voor een krachtige uitstraling is het belangrijk dat de cliënt goed oogcontact maakt met alle betrokkenen. Let wel dat het geen staring contest wordt – dit werkt juist averechts.

Ziet u liever dat uw cliënt een schuldbewuste houding aanneemt, laat hem of haar dan korter oogcontact maken en sneller wegkijken. Dat is een non-verbaal signaal voor onderdanigheid en/of schuldbewustheid.

Respect
Ongeacht of het een civiele zaak of een strafzaak betreft: het siert uw cliënt als deze respect toont voor de andere partij. Ook dat is non-verbaal te uiten. In jargon wordt dat fronting genoemd.

Het gaat bij fronting om het draaien van het hele lichaam richting de persoon met wie gecommuniceerd wordt. Dat zal in de meeste gevallen de rechter zijn, aangezien hij of zij de belangrijkste actor is op zitting. Het kan echter ook de wederpartij zijn tijdens bijvoorbeeld onderhandelingen.

Respect wordt getoond door de voorkant van het lichaam richting de persoon te draaien met wie we communiceren. Een eenvoudige manier om dat te onthouden bieden de 3T’s: Top, Torso en Tenen. Zo kunt u door uw hoofd (top), torso en tenen naar iemand te richten non-verbaal laten merken dat u luistert en dat uw gesprekspartner respect verdient.

Uit onderzoek is gebleken dat mensen dankzij fronting betrouwbaarder, sympathieker en open-minded overkomen.[2] Gebruik het derhalve ook zelf in gesprekken met cliënten en collega’s om een goede indruk te wekken.

Schaamte
Schaamte tonen kan helpen om de sympathie van een van de procespartijen te wekken. Het is opnieuw een gebaar dat onbewust wordt geïnterpreteerd. Let goed op dat het geen theater wordt. We zijn als mens met redelijke zekerheid in staat om vast te stellen of iemand liegt of niet.

Het tonen van schaamte is een vrijwel universeel gebaar. We slaan een hand over onze ogen of raken ons voorhoofd aan. Dit gedrag wordt eye blocking genoemd: we proberen onze ogen af te schermen van hetgeen we niet graag willen zien. Bij schaamte proberen we onze eigen daad niet onder ogen te komen.

Heeft uw cliënt dus iets gedaan wat tot gevoelens van schaamte zou moeten leiden, laat hem of haar dan een hand over de ogen slaan of met de vingertoppen het voorhoofd aanraken. Natuurlijk werkt dat het best als de cliënt daadwerkelijk schaamte voelt. Is dat echter niet het geval, vraag uw cliënt dan voor de zitting na te denken over een moment waarvoor hij of zij zich schaamt. De ervaring hoeft niet beschreven te worden. Zolang de gedachte wordt opgeroepen, zal ook het gedrag zich automatisch aanpassen. Laat de cliënt dat gevoel opnieuw oproepen op zitting en het gevoel van schaamte wordt overgebracht.

Kleding
Ook kleding is een non-verbale uiting en bepaalt mede hoe iemand gezien wordt. Het is aan te bevelen om nette kleding te dragen als de cliënt een verzorgde en gepaste indruk moet maken.

Heeft een ‘normale man-vrouw’ uitstraling de voorkeur, zorg er dan voor dat de cliënt alledaagse of casual kleding aantrekt. Dat kan een spijkerbroek en bijbehorend overhemd zijn.

Michiel Andreae verzorgt workshops en trainingen op het gebied van lichaamstaal en non-verbale communicatie. Meer informatie is te vinden op zijn website.


[1] What Every Body Is Saying, Joe Navarro, HarperCollins, 2008, p. 136.
[2] Weibel, Stricker, Wissmath & Mast (2010) – How Socially Relevant Visual Characteristics of Avatars Influence Impression Formation.

Dit artikel is verschenen in het maartnummer van het Advocatenblad. De hele editie is hier te lezen.