Van de ruim anderhalf miljoen rechtszaken die de rechtspraak in Nederland jaarlijks verwerkt, wordt ongeveer twee derde door de kantonrechter ­behandeld. 

Het merendeel betreft eenvoudige incasso’s. Ongeveer 400.000 van die incasso’s eindigen in een verstekvonnis, veelal vorderingen waarvoor een griffierecht van bijna 500 euro wordt geheven. Dat is een omzet van 200 miljoen euro aan griffierechten. Omzet die wordt geperst uit armlastige consumenten.  

De kosten van deze zaken zijn minimaal. Voor de behandeling van een verstekzaak is door het ministerie van Justitie en Veiligheid namelijk slechts twaalf euro uitgetrokken (tarief 2016). Het zijn de kiloknallers waaraan een rechter maximaal één minuut mag besteden. Dat is zo vastgelegd in hetLamicie-model, het door rechters zo verfoeide korset waarin de zaaksbehandeling ongenadig strak is ingesnoerd. In die éne minuut moet de rechter de vordering ambtshalve toetsen. Dat is net iets meer dan een stempelmachine. Een simpele rekensom leert dus dat deze kantonzaken voor de overheid uiterst winstgevend zijn.  

Nu vreest Frits Bakker dat e-Court de rechten van burgers aantast wanneer deze zaken bij de kantonrechter verdwijnen. Hij zei letterlijk in Nieuwsuur: ‘Het is goedkoper maar dan lever je heel veel in aan rechts­bescherming, terwijl de kwaliteit van de kantonrechter is gegarandeerd. Het  is een zwart gat. Je weet niet hoe de zaak behandeld wordt.’ 

Frits Bakker weet heel goed dat het bij de bulkzaken niet gaat om de rechtsbescherming. Hier sprak niet de rechter die zich zorgen maakt over kwaliteit. Hier sprak de manager die zijn targets in gevaar ziet komen. Het zaaksvolume. De outputfinanciering.  

Ondertussen houdt de Raad voor de rechtspraak in opdracht van de overheid een pervers systeem in stand. Een systeem waarbij de minderbedeelden indirect justitie financieren door de lucratieve incassopraktijk. Daar worden de meervoudige kamers van betaald die voor lastige handelszaken vele minuten nodig hebben. Dat maakt rechtspraak elitair. Er wordt weleens gezegd dat gesubsidieerde balletvoorstellingen worden betaald door de mensen die er nooit heen gaan. Zo wordt de rechtspraak gefinancierd door de burger die zelf geen geld heeft om te procederen. 

Matthijs Kaaks

Matthijs Kaaks

Profiel-pagina