Burgerslachtoffers van oorlogshandelingen, actievoerders tegen walvisvaarders, gedupeerden van de Argentijnse junta. Zegvelds portefeuille begint waar de landsgrenzen ophouden. En ook begint ze zaken die velen überhaupt voor onmogelijk hadden gehouden.

‘Liesbeth heeft een unieke positie verworven binnen de advocatuur met de zaken en cliënten die ze vertegenwoordigt. Er zijn er geen twee van,’ zegt kantoorgenoot Channa Samkalden. ‘Ze laat zien wat de advocatuur in de kern betekent: opkomen voor belangen en het recht dienen. En dat op een heel zuivere manier.’

Samkalden noemt ook Zegvelds onconventionele werkwijze. ‘Je zult haar nooit betrappen op overdreven juridisch taalgebruik. Ze is volkomen no-nonsense. Dat betekent dat je met haar al snel over de inhoud praat. Haar doelgerichtheid is bewonderenswaardig. En door haar werkdrift krijgt ze het onwaarschijnlijke voor elkaar.’

‘Haar betrokkenheid bij zaken komt voort uit een diepgeworteld rechtvaardigheidsgevoel’

Kort geleden kwam Zegveld in het nieuws toen ze nabestaanden van Molukse treinkapers vertegenwoordigde tegen de Nederlandse staat. Haar bekendste zaak is wel de verdediging van enkele Bosnische families. Die stelden Nederland aansprakelijk voor de dood van familieleden tijdens de val van de enclave in Srebrenica in 1995. Hiermee wist ze de staat te dwingen tot het betalen van schadevergoeding. ‘Maar ook in zaken die de pers niet halen, laat ze dezelfde vastberadenheid zien,’ zegt Samkalden.

Haar betrokkenheid komt volgens Samkalden voort uit een ‘diepgeworteld rechtvaardigheidsgevoel’. In 2013 deed Zegveld onderzoek naar de rol van de Nederlandse krijgsmacht tijdens een bombardement in 2007 in het Afghaanse Uruzgan. Iemand verloor 22 familieleden bij die aanval. Zegveld wilde dat er verantwoordelijkheid werd genomen voor de schending van de mensenrechten. ‘En dan heb ik het niet eens per se over het eisen van een zak geld. Maar wel wil ik voorkomen dat het leger een gesloten bolwerk blijft en belangrijke vragen geen antwoord krijgen,’ zei ze daarover in NRC Handelsblad.

Wapenfeiten

Liesbeth Zegveld (48) voltooide haar rechtenstudie aan de Universiteit Utrecht. In 2000 werd ze beëdigd. De Amsterdamse mensenrechtenadvocaat is sinds 2005 partner bij Prakken d’Oliveira Human Rights Lawyers.

Tussen 2006 en 2013 was Zegveld hoogleraar humanitair recht in Leiden. In 2011 richtte ze de Nuhanovic Foundation op, die zich ervoor inzet de toegang tot het recht voor oorlogsslachtoffers te vergemakkelijken. Zegveld is sinds 2013 parttime hoogleraar War Reparations aan de Universiteit van Amsterdam. Ze is tevens lid van de Netherlands Committee van Human Rights Watch.

In 2011 kreeg ze de Clara Meijer-Wichmann penning als erkenning voor haar inzet voor de verdediging van de rechten van de mens, en in 2014 ontving zij de Amsterdamse Dekenprijs. In 2016 werd ze gekozen als Meest Gewaardeerde Advocaat van het jaar.

 

Buitenfoto-Bien-2

Sabine Droogleever Fortuyn

Redacteur

Profiel-pagina
Advertentie