Het Hof van Discipline vond dat Alderse Baas jegens zijn cliënte een steek had laten vallen. Hij had zich in overleg met de deken op zijn retentierecht beroepen, omdat de cliënte de rekening niet betaalde. De deken had gezegd dat hij het dossier moest afgeven als de cliënte een betalingsregeling zou hebben getroffen. Maar de cliënte trof geen regeling, ze maakte bezwaar tegen de laatste nota en kondigde een klacht aan. De advocaat had toen niet zomaar mogen vasthouden aan die oude visie van de deken, vindt het Hof. Het was bovendien ‘wrang’ dat hij pas tijdens de appelprocedure in het dossier had gezien dat hij op grond van de opdrachtbevestiging de declaratie had moeten matigen. Er waren meer foutjes – een schoonheidsprijs zat er voor Alderse Baas dus zeker niet in.

Dat is ook zo ongeveer wat er met een waarschuwing wordt bedoeld. Het is de lichtste maatregel die de tuchtrechter kan opleggen. Het betekent zoiets als: u bent de fout in gegaan; het is geen doodzonde, maar gaat heen en zondigt niet weer. Een waarschuwing betekent niet dat je bewust kernwaarden hebt geschonden, dat je onbetrouwbaar bent, of een slechte advocaat. Laat staan een slechte functionaris van een orgaan van de Orde van Advocaten.

Toch schrijft de NOvA in zijn persbericht: ‘Binnen de algemene raad is deze situatie besproken en is de conclusie dat het opleggen van een maatregel door het Hof van Discipline (een waarschuwing valt daaronder) het voortzetten van de werkzaamheden als vertegenwoordiger van de advocatenorde in de weg staat’.

Het is misschien nog wat vroeg om de zaak te vergelijken met die van het lid van de raad van de orde Oost-Brabant die een waarschuwing kreeg opgelegd voor het schenden van het beroepsgeheim (een kernwaarde) en die wél doorgaat als bestuurder. In die zaak loopt nu hoger beroep.

Je zou ook eens kunnen kijken naar de zaak van Germ Kemper. Hij kreeg toen hij deken was in Amsterdam een klacht van Edwin de Roy van Zuydewijn, en die klacht werd in 2013 door het Hof gegrond verklaard. Zónder maatregel ­– wat zoiets betekent als: klager had een punt, maar daar laten we het bij. In het geval van Kemper vond het Hof dat voldoende omdat Kemper zelf al ‘expliciet had betreurd’ wat er was gebeurd.

Voor een deken zijn tuchtrechtelijke missers direct belastend voor zijn functioneren: hij moet andere advocaten aanspreken op hun gedrag – pikken ze dat nog? Toch heeft Kemper zijn termijn kunnen volmaken, met als belangrijk wapenfeit de succesvolle aanpak van Bram Moszkowicz, die later dat jaar werd geschrapt.

Maar voor de algemene raad van de NOvA is die tweede kans er dus niet. Leden van de algemene raad maken geen fouten. Dat leggen ze zichzelf op, maar krijgen ze er geen spijt van? Gaan Orde en advocaten het beter doen als er bij het hakken geen spaandertje mag vallen? Om over arbeidsvreugde maar niet te spreken.

Trudeke

Trudeke Sillevis Smitt

Freelance redacteur

Profiel-pagina
Advertentie