De uitspraak van de Raad is de jongste in een reeks van tucht- en civielrechtelijke uitspraken, die voortkwamen uit een onteigeningszaak in de gemeente Borne. Daarbij kwamen de advocaten ook in aanvaring met de lokale deken, omdat ze weigerden hem inzage te geven in correspondentie.

Als gevolg daarvan werden beide advocaten eind vorig jaar door het Hof van Discipline voor een half jaar voorwaardelijk geschorst. Ze hadden zich inmiddels echter zelf al laten uitschrijven, in reactie op een uitspraak van de civiele rechter in kort geding.

Beide Twentse oud-advocaten besloten eerder dit jaar een zaak aanhangig te maken bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens, uit onvrede met de uitspraak van het Hof van Discipline.

Hoger beroep

De twee Twentse advocaten hebben inmiddels de sanctie van de Raad bestempeld als ‘onterecht en bovendien disproportioneel’. Volgens hen heeft niet eerder een advocaat zo’n zware straf gekregen voor ‘onnodig grievende uitlatingen’.

De advocaten hebben aangekondigd in hoger beroep te gaan.

Dit bericht is op 26 oktober aangevuld met de reactie van de twee betrokken advocaten.