De advocaat in kwestie is in november 2010 beëdigd. Nadat het advocatenkantoor vermoedens van onregelmatigheden kreeg bij het in rekening brengen van zijn werkzaamheden aan cliënten, stelde het kantoor een accountantsonderzoek in.

Uit het onderzoek bleek dat de advocaat cliënten, een rechtsbijstandsverzekeraar en de Raad van Arbitrage verzocht bedragen over te maken naar zijn privérekening ter vergoeding van zijn werkzaamheden. Het was voor het advocatenkantoor reden om de advocaat op staande voet te ontslaan.

Integriteit

Uit een vervolgonderzoek werd duidelijk dat de advocaat ook een aantal bankafschriften had bewerkt. Daarnaast hield de advocaat nog een bedrag onder zich dat aan het advocatenkantoor toekwam. Verder constateerde het advocatenkantoor dat de advocaat vanuit zijn zakelijke e-mailaccount een declaratie aan een rechtsbijstandsverzekeraar had verzonden, waarop hij het rekeningnummer van het advocatenkantoor had vervangen door zijn eigen rekeningnummer.

De advocaat liet zichzelf in augustus van het tableau schrappen, nog voordat de deken een bezwaar indiende. Volgens de Raad van Discipline heeft de advocaat in strijd gehandeld met artikel 46 Advocatenwet en de kernwaarde integriteit. ‘De advocaat heeft het vertrouwen in de advocatuur ernstig geschaad.’

Volgens de raad kan ‘niet met minder worden volstaan dan met een schrapping’. Het feit dat de advocaat zo handelde door werkdruk in combinatie met privéproblemen, dat hij veel spijt heeft en dat hij alle gelden inclusief een schadevergoeding heeft terugbetaald, doet hier niet aan af.

Redactie Advocatenblad

Profiel-pagina