De zaak draaide om een politiemedewerkster, mevrouw P, die in conflict was geraakt met haar werkgever. Er kwam een mediator aan te pas, die in een zogenaamde ‘caucus’ met de politie adviseerde de politiemedewerkster psychiatrisch te laten keuren. Ze zou ‘de psychiatrie voorbij zijn’ en op die grond kunnen worden ontslagen. Dat viel althans te horen op een geluidsopname, waarmee mevrouw P naar de mediation-tuchtrechter stapte. Daarop deed de politie aangifte van de heimelijke opname van het gewraakte gesprek.

In die strafzaak treedt Van Essen op voor mevrouw P. In een (inmiddels verwijderde) blog noemt Van Essen de caucus een ‘onderonsje’, waarin de mediator de politie ‘aanstuurt’ hoe van mevrouw P af te komen, onder andere door haar gek te laten verklaren. Ook zegt ze: ‘Je zou toch verwachten dat deze mediator wordt vervolgd en de politiemedewerkers erbij. Niets is minder waar. (…)’

En in een tv-uitzending van EenVandaag zegt Van Essen: ‘Dat is gewoon echt schandalig. Waar het eigenlijk op neerkomt: deze mevrouw (…) heeft (….) een soort van overtreffende trap van gek en ja hoe kunt u er nou voor zorgen dat deze mevrouw, omdat ze gek is, we dat zwart op wit krijgen en u op die manier haar eruit kunt werken.

Een mediator he? Let wel, iemand die belangeloos moet zijn, die voor beide partijen moet opkomen en moet kijken, kunnen we er met elkaar uitkomen.’

Bij de Raad van Discipline komt Van Essen met de schrik vrij, maar de mediator gaat in appel.

Het Hof van Discipline neemt de grote vrijheid van de advocaat bij de belangenbehartiging tot uitgangspunt. Of het belang van de cliënt met media-aandacht is gediend, beoordelen advocaat en cliënt in de eerste plaats zelf. Van Essen mocht vinden dat brede informatieverstrekking over wat mevrouw P – in haar visie – was overkomen in haar belang was. Mevrouw P meende dat haar situatie symptomatisch was en wilde dit aan de kaak stellen. Advocaat en cliënt mogen bij die informatieverstrekking hun eigen kleur en interpretatie geven, maar de advocaat mag niets zeggen waarvan hij weet of kan weten dat het onwaar is.

Een blog en een (niet door Van Essen geïnitieerde) tv-uitzending acht het Hof een geoorloofde manier. Wel moet je met nieuws op internet enige terughoudendheid betrachten, omdat dit zijn eigen weg kan gaan en kan worden gebruikt op manieren die je zelf niet bedoeld hebt.

Getoetst aan deze criteria vindt het Hof de uitlatingen van Van Essen ‘stevig, maar niet ongeoorloofd.’ Daarbij acht het Hof van belang dat zij de mediator niet bij naam had genoemd en ook geen gegevens had verstrekt waaruit zijn identiteit makkelijk kon worden afgeleid. Dat derden zijn identiteit toch hebben achterhaald kan de advocaat niet worden verweten. ‘Onderonsje’ en ‘aanstuurt’: het mag. Dat de mediator zou moeten worden vervolgd en dat zijn optreden schandalig was: op het randje, maar kan nog net. Van Essen sprak daar immers (duidelijk) namens mevrouw P.

Het zou mooi zijn als de nieuwe gedragsregels wat aanvulling krijgen waar het om media-optredens gaat. In regel 7 gaat het over grievende uitlatingen in het algemeen, en in (de toelichting op) regel 3, lid 3 is iets te vinden over het (via de media) naar buiten brengen van vertrouwelijke informatie, maar dat is het dan ook wel.

Wie meer wil weten, leze de blog https://www.sdu.nl/blog/waar-liggen-de-tuchtrechtelijke-grenzen-voor-een-advocaat-in-media-uitingen.html van Van Essen.

Trudeke

Trudeke Sillevis Smitt

Freelance redacteur

Profiel-pagina
Advertentie