nieuwe-cover-
Beeld door: Ronald Brokke

Een ruzie tussen buren over een stoffig kleedje over de reling van het balkon. Een geschil tussen een huurder en een woningcorporatie over een schutting. Een aanvaring tussen een werknemer en zijn baas over zijn taken in de schoenwinkel.

Het zijn enkele voorbeelden van de ruim dertig zaken die het ­afgelopen halfjaar aan de Rotterdamse regelrechter of de Haagse wijkrechter zijn voorgelegd. De initiatieven die rechters dichter bij de mensen moet brengen, schieten als padden­stoelen uit de grond. Inmiddels zijn het er maar liefst 21 (zie overzicht op p. 32-34).

Het idee achter de experimenten is snelle, goedkope en laagdrempelige procedures introduceren, gericht op het vinden van een oplossing. De rechter is bevoegd om vonnis te wijzen, maar probeert eerst te bemiddelen. Rechtsbijstand mag, maar is niet verplicht.

Deskundigheid advocaten

Niet verkeerd dat de Rechtspraak probeert de boel een beetje vlot te trekken wat lange procedures betreft, maar het neemt niet weg dat advocaten niet meer nodig zijn, zegt hoogleraar Algemene Rechtswetenschap aan de Rijks­uni­versiteit Groningen Jan Brouwer. ‘Het recht is zo gecompliceerd geworden dat rechtsbijstand nodig is. Men probeert op deze manier de deskundigheid van advocaten uit procedures weg te snijden. Dat zal vast de snelheid ten goede komen, maar beslist niet de kwaliteit. Het gaat ten koste van de equality of arms, een heel belangrijk beginsel in ons recht.’

Volgens Brouwer compliceren advocaten procedures en geschillen ook vaak, ‘maar het is zo ontstaan en dat is niet voor niets. Wanneer advocaten afwezig zijn, zie je dat de ene partij beter onderlegd is dan de andere partij. De ene partij heeft meer intellec­tueel vermogen dan de andere en soms is het zelfs zo dat een partij juridisch onderlegd is.’

De hoogleraar werd ten tijde van de spreekuurrechter in Noord-­Nederland een paar keer met zo’n zaak geconfronteerd. Het maakt dat hij gekant is tegen experimenten met buurtrechters zonder verplichte rechtsbijstand. ‘Een mevrouw belde mij op en vertelde dat haar buurman juridisch zeer goed onderlegd was tijdens de zitting voor de spreekuur­rechter. Ze zat letterlijk met haar mond vol tanden. In dit soort gevallen hoop je dat de rechter enigszins corrigeert, maar als hij door de tegenpartij met goede middelen wordt bestookt dan kan hij soms niets anders. Die vrouw had spijt dat ze zich had ingelaten met deze procedure. Dat heb ik via de mail nog een paar keer gehoord. Uiteraard is dat te weinig om een wetenschappelijk verantwoorde conclusie te trekken, maar het heeft me wel aan het denken gezet. Daarbij schijnen de kosten van procedures als die van de spreekuurrechter torenhoog te zijn.’

Struikelblok

De zoektocht naar nieuwe vormen van rechtspraak maakt onderdeel uit van het traject Maatschappelijk ­effectieve rechtspraak (MER), dat in 2017 van start ging. De projecten binnen het civiele recht die tot nu toe van de grond zijn gekomen, vallen onder artikel 96 Rv. Het eerste lid biedt partijen de mogelijkheid om zich in alle zaken die slechts rechtsgevolgen betreffen die ter vrije bepaling van partijen staan, ge­zamenlijk tot de kantonrechter van hun keuze te wenden. Lid twee vraagt een actieve benadering van de wederpartij door rechtbanken wanneer er een eenzijdig verzoek wordt gedaan.

Met name het vrijwillige karakter van artikel 96 blijkt een struikelblok voor meer grootschalige toepassing van vernieuwende werkwijzen, aldus oud-voorzitter van de raad Frits Bakker in een brief aan minister Dekker van november 2018. Vandaar dat minister Dekker (Rechtsbescherming) nu werkt aan de Experimentenwet rechtspleging. Die moet experimenteren met innovatieve gerechtelijke procedures gemakkelijker maken. Het wetsvoorstel ging in 2018 in consultatie en wacht nu bij het ministerie van Justitie en Veiligheid op verdere afhandeling. Als de Raad van State niet te hard oordeelt, kan het nog dit jaar naar het parlement voor finale goedkeuring.

Innoveren

‘Het is belangrijk dat rechtspraak maatschappelijk relevant en effectief is en blijft,’ zegt Henk Naves, de nieuwe voorzitter van de Raad voor de rechtspraak over de initiatieven. ‘Dat maakt dat het nodig is te innoveren. Procesrecht kan heel knellend zijn. Vandaar dat we aan de minister hebben gevraagd om een wetsvoorstel in te dienen dat ons ruimte geeft om te experimenteren binnen het procesrecht.’

Henk-Naves-fotograaf-Serge-Ligtenberg-2
Henk Naves Beeld door: Serge Ligtenberg

Er zijn vanuit alle rechtbanken ini­tiatieven van buurtrechters, regel­rechters of community courts. Naves ziet een aantal rode draden binnen de projecten. ‘In alle ­experimenten kiest de rechter voor nabijheid. Daarnaast gaat het veelal om mensen die op meerdere vlakken ­problemen hebben. Problemen op het ­gebied van strafrecht, opvoeding en schulden, waardoor een gezin in een neerwaartse spiraal zit. De rechter gaat in alle gevallen op zoek naar het echte probleem. Ze pakken de kern van het probleem aan en bestrijden niet alleen de symptomen.’

Ook gaat het volgens Naves vaak om ketensamenwerking. ‘De rechter heeft een rol, maar om het totale probleem op te lossen heb je andere nodig, zoals gemeenten, Openbaar Ministerie en jeugdhulpverlening.’ De raad hoopt in 2020 op basis van de experimenten en verschillende evaluaties een ‘programma van eisen’ te formuleren om zo tot een landelijke uitrol te komen.

Gezamenlijke taak

Rob Geene, deken in Noord-Nederland, noemt het teleurstellend dat de advocatuur buiten de experimenten is gehouden. ‘Het is een aantasting van de rechtsstaat. De advocatuur is net zo bepalend als de rechter die uiteindelijk een uitspraak doet.’

De rechterlijke macht en de advocatuur zijn volgens Geene door de wet aangewezen om de rechtsbedeling in Nederland te verzorgen en te bewaken. ‘Daarom moeten we geza­menlijk bedenken welke stappen we kunnen nemen. Kijk samen naar dit soort experimenten. Ik vind het zorgelijk dat de rechterlijke macht dit zelf gaat zitten bedenken zonder te praten met de beroepsgroep die er dagelijks mee bezig is.’

Eerlijke kans

Rogier Scheltes, sociaal advocaat bij Advokatenkollektief Rotterdam, vindt dat de experimenten een eerlijke kans verdienen, ook al is rechtsbijstand niet verplicht. Volgens hem staat of valt het met de toeganke­lijkheid en kunde van een rechter, zeker als het om zijn doelgroep gaat. ‘Mijn cliënten zijn laag opgeleid en vinden het heel lastig om abstract of analytisch te denken. Dan wordt er veel van zo’n rechter gevraagd. Ze moeten in staat kunnen zijn om de afstand te beperken. Er zitten rechters tussen waarbij het maar goed is dat ik erbij ben. Helemaal wanneer een burger tegenover een partij zit die wel verstand van zaken heeft, bijvoorbeeld een woningcorporatie die wel een advocaat mee heeft. Dan wordt er veel gevergd van een rechter. Hij moet dan zijn verantwoordelijkheid nemen en de belangen van de zwakkere partij verdedigen. In die zin verwacht ik van zo’n rechter dat hij een deel van mijn taak overneemt. Dat is spannend.’

Rogier-Scheltes
Rogier Scheltes

Erwin Dingenouts, advocaat consumentenrecht bij Inigo advocaten in Rotterdam, beaamt dat. ‘Een consument die bij de regelrechter komt, weet bijvoorbeeld niet dat het een formele procedure is en dat hij uiterlijk bij zijn antwoord een tegen­vordering in moet dienen wanneer die er is. De rechter zal daar als het goed is niet over informeren, want dan verliest hij zijn onafhankelijke rol. Ik vraag me af hoe dat in de praktijk zal uitwerken.’

Dingenouts wijst verder op het aanvraagformulier voor de regelrechter. ‘De consument moet daarop al aangeven of hij wel of niet afziet van hoger beroep. Hoe moet een consu­ment zonder rechtsbijstand dat weloverwogen beoordelen? Ik vind het een goed initiatief, maar ik denk dat het verstandig is dat de consument zijn rechtspositie kent voordat hij zo’n zitting instapt.’

Volgens Sico den Engelsen, huurrecht­advocaat bij Huisvestings­advocaten in Rotterdam, hangt het af van het soort zaken waarin de buurtrechters bevoegd zijn. De Haagse wijkrechter bijvoorbeeld beperkt zich enkel tot geschillen die gaan over de leefbaarheid in een wijk, maar bij andere burenrechters kunnen burgers ook terecht met ander­soortige problemen. In navolging van de spreekuurrechter werkt de Rotterdamse regelrechter breder. Zij behandelen ook arbeidszaken en consumentenzaken.

Als het gaat om de leefbaarheid in kwetsbare wijken kunnen buurtrechters een welkome bijdrage leveren, vindt Den Engelsen. ‘Overlast is heel feitelijk en minder juridisch van aard. Dat zijn de typen zaken waar ik niet bij betrokken word. Ik sta alleen woningcorporaties bij. Zaken over leefbaarheid gaan tussen buren, als die worden opgepakt en opgelost zijn mijn cliënten er alleen maar bij gebaat. Als het gaat om een conflict tussen huurder en woningcorporatie zouden mijn klanten niet zo snel kiezen voor een regelrechter maar voor een gewone procedure. Dan willen ze het liever juridisch houden. In die zin is deze ontwikkeling geen bedreiging voor mijn praktijk.’

Volgens Rechtspraakvoorzitter Naves vraagt de opkomst van buurtrechters om een andere aanpak van rechters, maar ook van advocaten. Veel mensen kunnen de weg naar de rechter niet vinden, zijn te weinig deskundig of hebben geen overzicht. ‘Ik denk dat advocaten heel hard nodig blijven, maar het vraagt andere vaardigheden en een andere kijk naar zaken. Meer tijd en energie in regievoering en aanpak van de totale problematiek van de cliënt en minder proceshandelingen. Het betekent uiteindelijk minder procederen. Dat is een spannende, want dan rinkelt de kassa niet meer. Maar ik denk uiteindelijk dat de cliënten erbij gebaat zijn.’

Actievere rol

Wim Wetzels, een van de zes Rotterdamse regelrechters, denkt dat de rechtzoekende gebaat is bij een doortastende rechter die kijkt naar de kern van het probleem. ‘De kanton­rechter in het algemeen is al redelijk actief, maar als regelrechter moet je nog actiever zijn. En creatiever.’

Als voorbeeld noemt hij zijn eerste zaak als regelrechter waarin hij werd gevraagd een geschil op te lossen over een permanent bewoonde vakantiewoning. ‘Ik heb tijdens de zitting met de gemeente gebeld over het verbeuren van dwangsommen. De conclusie was dat de gemeente ­akkoord ging met nog een paar maanden permanente bewoning. Huurder blij, want hij had een paar maanden langer de tijd om een andere woning te zoeken. Verhuurder ook blij, want hij hoefde niet meer bang te zijn voor een dwangsom van vijfduizend euro per maand. In een normale zitting zou ik niet zo snel tijdens de zitting gaan bellen, en alleen helemaal niet met een instantie die geen partij is in de procedure. Als ­regelrechter voel je je vrijer.’

Jerzy-Luiten-2
Jerzy Luiten

Jerzy Luiten is in zijn rol als wijk­rechter in Den Haag meer gericht op het gesprek. ‘Je moet makkelijk kunnen communiceren, niet bang zijn voor emoties en gericht zijn op het bereiken van een oplossing. Je kijkt naar details die juridisch niet zo relevant zijn.’ Zo’n instelling is ­volgens Luiten ook relevant in gewone procedures. ‘Dat is al een verschuiving die gaande is. Schikken is steeds meer een rol gaan krijgen. Daar doen we steeds meer ervaring in op en daardoor lukt het ook steeds beter om een oplossing te vinden.’

De belangrijkste conclusie die hij na die paar maanden heeft getrokken, is dat een hoop mensen een conflict hebben zonder dat er een goede oplossing is. ‘Sommige mensen kunnen niet geholpen worden met bestaande hulpverlening. Niemand kan dan meer iets betekenen. Dat zijn zaken die jaren dooretteren. Het heeft mijn ogen geopend.’

Ook volgens advocaten is er niets mis met actievere rechters die het meer in de bemiddeling zoeken. Jaap Spigt, strafrechtadvocaat bij HKS Advocaten in Rotterdam en mediator in straf­zaken en bij burenruzies, vindt dat een rechtszaak een uiterst rechtsmiddel moet zijn. ‘Eerst moeten de mensen er samen proberen uit te komen. De harde klap van justitie polariseert vaak. Het is beter om in gesprek te gaan. Dan kun je mensen laten nadenken over hun eigen gedrag. Daarom is het goed dat de buurt­rechter er is. Het kan meehelpen aan een goedkopere en snellere oplossing van conflicten.’

foto-Sico-den-Engelsen-2
Sico den Engelsen

Ook Den Engelsen ziet de voordelen van een actieve rechter. ‘Als een kantonrechter ook een beetje kan duwen en trekken, zie ik toegevoegde waarde. Dat doen veel kantonrechters nu ook al bij een normale comparitie. Sommige rechters zijn heel goed in het respectvol mensen onder druk zetten. Die talenten zijn zeker goed voor experimenten die op overlast zien.’

Volgens hoogleraar Brouwer is een actievere en bemiddelende rechter niet verkeerd, zolang die maar door advocaten kan worden weersproken en binnen de touwen gehouden kan worden. Hij denkt dat de rechtspraak het beter kan zoeken in bestaande procedures. ‘Geef rechters betere scholing, zodat ze in de gangbare procedures dichter bij de samen­leving staan.’

Alle experimenten op een rij

EXPERIMENTEN SCHULDEN

Pilot integrale en actieve aanpak schulden
Enkele rechtbanken zijn in samenwerking met de lokale overheid en professionals bezig een pilot te ontwikkelen die tot doel heeft personen met problematische schulden in een zo vroeg mogelijk stadium te herkennen. Er wordt een procedure ontwikkeld voor geïnte­greerde behandeling door een gespecialiseerde rechter.

Aanpak problematische schulden
Inwoners van Tilburg met pro­blematische schulden krijgen sinds 1 maart 2018 niet langer standaard beschermingsbewind als dit wordt aangevraagd bij de rechtbank. Tijdens de proefperiode kijken inwoner, bewindvoerder en een medewerker van de gemeentelijke schuldhulpverlening wat de meest passende dienstverlening is. Als één van de partijen wel een verzoek tot onderbewindstelling wil doen, maakt de gemeente een advies voor de verzoeker. Meestal volgt hierop een mondelinge behandeling bij de kantonrechter. De pilot loopt bij de Rechtbank Zeeland-West-Brabant en start mogelijk ook in Noord-Nederland en Oost-Brabant.

Schuldenrechter
Mensen met schulden hebben vaak te maken met allerlei problemen die kunnen leiden tot rechtszaken. De Rechtbank Rotterdam experimenteert met een schuldenrechter die alle problemen van mensen die financieel in de knel zitten in samenhang aanpakt.

City Deals (inclusieve stad) Utrecht
De gemeente Utrecht en de rechtbank praten over de verbetering van de schuldhulpverlening en het bewind. Hoe kunnen de rechtbank en gemeenten samen een bijdrage leveren aan vermindering van de schuldenproblematiek? Het initiatief is nog in ontwikkeling, maar er is afgesproken dat in elk geval de werkwijze rondom dwangakkoorden wordt aangepast.

EXPERIMENTEN ECHTSCHEIDINGEN

Regierechter
De regierechter wordt momenteel landelijk uitgerold bij alle rechtbanken en gerechtshoven. Het idee is dat alle geschillen rond een scheiding door dezelfde rechter worden behandeld. De rechter heeft oog voor de totale problematiek die escalatie van het ouderconflict veroorzaakt en stelt de positie van de kinderen centraal.

Uniform hulpaanbod
In Noord-Nederland hebben familierechters afspraken gemaakt met hulpverleners en gemeenten over de hulp die ouders en kinderen kunnen krijgen. Daardoor kunnen zij mensen gericht doorverwijzen en staat vooraf vast dat de gemeente die hulp financiert. Het initiatief wordt momenteel landelijk uitgerold.

Laagdrempelige toegang tot de familierechter
Een initiatief dat ziet op het ontwikkelen van een nieuwe, op de-escalatie gerichte echtscheidingsprocedure onder de paraplu van het Platform Scheiden zonder Schade. Drie arrondissementen starten met een pilot.

Bruggesprek
Bij het indienen van het ouderschapsplan hebben ouders volgens de wet de plicht om te laten zien op welke manier zij hun kinderen betrokken hebben bij het opstellen daarvan. ­Ouders moeten met hun kinderen een gesprek voeren over het ouderschapsplan en op de reacties van hun kinderen letten. De familierechters van de Rechtbank Zwolle vragen vanaf 1 mei 2018 aan de advocaten en de ouders naar het gevoerde brug­gesprek in echtscheidingsprocedures.

Dossiers scannen
Aan de hand van het dossier wordt vooraf de ernst van de zaak ingeschat. Hoe complex zijn de problemen? Is er kans dat het uit de hand loopt? Zijn er financiële kwesties die snel opgelost moeten worden? Zo nodig wordt extra snel een zitting gepland, waar de benodigde instanties vertegenwoordigd zijn. Ook kan extra tijd worden uitgetrokken voor zo’n zitting. Bij het scannen van het dossier wordt verder gekeken of medi­ation mogelijkheden biedt.

Scenariorechter
De afdeling Familierecht van de Rechtbank Midden-Nederland in Lelystad start per 1 mei 2019 met een scenariorechter. In een vroeg stadium wordt met partijen gepraat over wat er nodig is om een echt­scheidingsprocedure, waarbij kinderen zijn betrokken, zo goed mogelijk te laten verlopen. Kortom, samen met partijen denken in scenario’s met het doel om escalatie te voorkomen of te verminderen.

EXPERIMENTEN TOEGANG TOT HET RECHT

Spreekuurrechter
De Rechtbank Noord-Nederland startte op 1 oktober 2016 met een proef met rechtszaken waarin burgers en bedrijven snel op het spreekuur van de rechter kunnen komen. De kern is dat de rechter eerst probeert met een goed gesprek tot een oplossing te komen en pas als het nodig is zelf beslist wat er moet gebeuren. Mensen betalen de helft van het griffierecht en hebben geen advocaat nodig. Deze proef is in mei 2018 afgerond. Verschillende rechtbanken ontwikkelen op basis van de spreekuurrechter nieuwe plannen.

Buurtrechter
Door recht te spreken in de buurt kan een laagdrempelige oplossing worden geboden voor alledaagse problemen, aldus de Rechtspraak. Hierbij past een rechter die verder kijkt dan alleen het juridische geschil en de onderliggende problematiek in de kern wil aanpakken. Bij diverse gerechten zijn plannen voor zulke buurtrechters in ontwikkeling.

Rotterdamse regelrechter
Een voorbeeld van een buurtrechter. Het biedt partijen mogelijkheid om in een snelle en goedkope procedure op eenvoudige wijze een geschil aan de kantonrechter voor te leggen. Huurzaken, consumentenzaken, geld­vorderingen, arbeidszaken, schades en burenruzies kunnen bij de regelrechter worden behandeld. De pilot is van start gegaan op 15 september 2018 bij de rechtbanken in Rotterdam en Dordrecht en loopt voor een ­periode van vijftien maanden.

Haagse wijkrechter
De rechter houdt zitting in de wijk en is er voor burengeschillen, conflicten tussen woningcorporaties en ­huurders en conflicten tussen leden van een VVE. Vaak zal de wijkrechter ter plekke kennisnemen van het conflict. De pilot loopt tot januari 2020.

Aanpak zaken rondom huiselijk geweld
De Rechtbank Rotterdam startte in de tweede helft van 2018 met een nieuwe aanpak van rechtszaken over huiselijk geweld. De rechtbank zoekt samen met het Veiligheidshuis een manier om de rechtszaken rondom een gezin snel en in onderlinge samenhang te behandelen. Deze aanpak richt zich niet alleen op de strafzaak over huiselijk geweld maar ook op eventuele familiezaken. Het experiment loopt voor een periode van twee jaar.

Burenrechter
Bij de Rechtbank Midden-Nederland (locatie Utrecht) en Rechtbank Oost-Brabant komt een burenrechter. Hier kunnen burgers terecht met een burenconflict. Het gaat dan niet om een ruzietje, maar om een conflict waar je samen, ondanks de hulp van bijvoorbeeld een buurt­bemiddelaar, mediator of politie­agent, niet uitkomt.

Tot op de bodem (consumentenbouwgeschillen)
De Rechtbank Noord-Holland (­Haarlem) is december 2018 gestart met de pilot ‘Tot op de bodem’ om rechtzoekenden met een bouwgeschil met een kort geding beter te bedienen. Het gaat om een behandeling ter plaatse in aanwezigheid van een deskundige die voorziet in een mondeling deskundigenbericht. De insteek is dat deze zitting resulteert in een vaststellingsovereenkomst.

Videorechter
Bij Rechtbank Noord-Nederland loopt sinds eind september 2016 een pilot met een videorechter. Zo kunnen bewindszaken via een video­verbinding bijgewoond worden.

Bemiddelingsraadsheer
Het Gerechtshof Den Haag biedt sinds 1 maart een nieuwe zittingsvorm aan om handelszaken sneller af te handelen. Wanneer partijen in een hogerberoepszaak samen kostenefficiënt tot een snelle en definitieve afwikkeling van hun conflict willen komen, kunnen ze hun geschil voorleggen aan een bemiddelingsraadsheer. Partijen en hun advocaten zoeken met de bemiddelingsraadsheer in een zo vroeg mogelijk stadium van de hogerberoepsprocedure naar maatwerkoplossingen die rekening houden met de belangen van beide partijen.

EXPERIMENTEN STRAFRECHT

Community court Eindhoven
Rechtbank Oost-Brabant start deze maand in samenwerking met de gemeente Eindhoven een community court. De kern is dat rechtspraak in de buurt plaatsvindt, gericht op de concrete problemen in een buurt. Er wordt nauw samengewerkt met de lokale overheid en veiligheids­partners. Doel is te komen tot aanpak van multiproblematiek waarbij de ingang het strafrecht is.

Mediation in het strafrecht terug in het publieke domein
Rechtbanken Noord-Holland en Zeeland-West-Brabant onderzoeken of het mogelijk is te experimenteren met het terugbrengen van zaken op zitting na afronding van een geslaagde herstelbemiddeling in strafzaken.

Elementen Belgische vrederechter naar Nederland
De Universiteit Utrecht onderzoekt momenteel de inpasbaarheid van elementen van de Belgische vrederechter in het Nederlandse stelsel. Dat laat minister Dekker (Rechtsbescherming) weten in antwoord op vragen van Tweede Kamerlid Michiel van Nispen (SP) over zijn werkbezoek aan België.

Dekker bezocht vorige maand het vredegerecht in Maasmechelen. ‘De pilots waar Nederland nu mee experimenteert, laten kenmerkende elementen van de vrederechter zien. Ik denk dan aan de inzet om partijen ten overstaan van de rechter samen tot een oplossing te laten komen, de laagdrempelige toegang, fysieke nabijheid en samenwerking met andere instanties.’

Het onderzoek is naar verwachting voor de zomer afgerond. Dekker maakt na evaluatie van lopende pilots met de Rechtspraak de balans op welke werkwijzen voor landelijke invoering in aanmerking kunnen komen. ‘Daarbij wil ik ook de verbinding leggen met de modernisering van de gesubsidieerde rechtsbijstand.’

Lastig jaar voor Rechtspraak

De rechterlijke macht heeft in 2018 een lastig jaar beleefd, meldt de Rechtspraak in zijn jaarverslag. ‘De digitalisering liep op onderdelen vast, de Rechtspraak schreef rode cijfers en er was onrust op de werkvloer die vooral verband hield met werkdruk,’ aldus voorzitter Henk Naves.

Net als in voorgaande jaren daalde in 2018 het aantal rechtszaken. De rechterlijke macht handelde 1.533.570 zaken af, vier procent minder dan in 2017. In totaal nam het aantal kantonzaken in 2018 met vier procent af. Bij de handelszaken was er, net als afgelopen jaren, een verdere afname met zeven procent. De Rechtspraak wijt dat aan de ‘afschrikkende werking van relatief hoge griffierechten en de beschikbaarheid van buitengerechtelijke arbitrage’. Het aantal civiele zaken dat niet onder kanton valt, daalde met vijf procent tot ongeveer 256.000. De afname van handelszaken, insolventies en kort gedingen bedroeg elf procent, circa 7.400 zaken minder dan in 2017. Het sterkst was de afname van zaken rond schuldsanering (29 procent; ongeveer 2.500 zaken) en handelszaken aangebracht bij dagvaarding (negentien procent; ongeveer 2.100 zaken).

De instroom van nieuwe zaken bij familie (meestal bewindszaken) bleef stabiel, na een forse stijging in 2017. De familierechtelijke procedures namen licht af (twee procent) tot bijna 181.000. In 2018 kwamen er bij de rechtbanken op het gebied van het bestuursrecht bijna 97.000 zaken binnen, ongeveer gelijk aan het aantal zaken in 2017. Het aantal vreemdelingenzaken nam in 2018 met vier procent toe tot ongeveer 33.400. De instroom van strafzaken nam in 2018 met vier procent af tot bijna 163.000 zaken.

Het financiële tekort bij de Rechtspraak liep in 2018 nog verder op. In 2017 werd er 28,5 miljoen euro meer uitgegeven dan er binnenkwam. Vorig jaar bedroeg het tekort 38 miljoen euro.

F3I2124-kleiner

Francisca Mebius

Redacteur

Profiel-pagina
Advertentie