Dat blijkt uit een brief van minister Dekker voor Rechtsbescherming  aan de Tweede Kamer over de vorderingen van zijn slachtofferbeleid. Het komt geregeld voor dat nabestaanden twijfelen over de precieze doodsoorzaak, zonder dat dat leidt tot een tweede lijkschouwing. CDA-Kamerlid van Madeleine van Toorenburg stelde vorig jaar voor om in deze zaak een second opinion mogelijk te maken. Deze motie is nu gehonoreerd in een pilot in het parket Noord-Holland waarin het betreffende dossier en onderzoek wordt herzien door een tweede officier van justitie. Bekeken wordt of deze second opinion bijdraagt aan het wegnemen van de twijfels bij nabestaanden.

Ruimere inzage

Ook een ruimere verstrekking en inzage van stukken aan nabestaanden is onderdeel van de pilot. In 2018 is de wetgeving op dit punt al ‘ruimhartiger’ geworden, schrijft de minister. Dat beleid wordt nu doorgezet, in overleg met onder meer slachtofferadvocatennetwerk LANGZS. Ook een aantal oudere verzoeken tot inzage worden besproken en eventueel aan een second opinion onderworpen in de pilot.

Ook aan andere grieven van slachtofferadvocaten wordt gewerkt, meldt de minister. Zo wordt sinds 1 januari dit jaar in het landelijk strafprocesreglement rekening gehouden met de verhinderdata van het slachtoffer en diens advocaat. Dit als reactie op de klacht dat advocaten regelmatig niet tijdig worden geïnformeerd over aanvang, uitstel of voortgang van de zitting. Een ander punt is dat slachtofferadvocaten signaleren dat rechters en officieren niet altijd voldoende juridische kennis hebben om de vordering van de benadeelde partij goed te beoordelen. In de rechtspraak lopen nu verschillende initiatieven om de strafrechter hierin bij te spijkeren, schrijft Dekker.

foto-Stijn-Dunk

Stijn Dunk

Redacteur Advocatenblad

Profiel-pagina
Advertentie