We wisten al het nodige over de straf- en tuchtzaken tegen mr. X, advocaat van de heer O, oprichter van motorclub No Surrender. Hij werd in maart 2017 met onmiddellijke ingang voor onbepaalde tijd geschorst, onder meer wegens verdenking van beïnvloeding van getuigen en witwassen, drugslaboratoria in zijn huis en een ‘grote ongeorganiseerde bende’ als kantoor.

Nu ligt er een nieuwe tuchtrechtelijke beslissing. Aanleiding was een verzoek van mr. X – die inmiddels in de zeventig moet zijn – om zijn 60b-schorsing op te heffen. Er was nu al twee jaar geen enkel bewijs door de deken aangedragen, en hij voelde zich door alle ellende die hem was overkomen gesterkt om weer aan de slag te gaan. Maar de deken beantwoordde het verzoek met een dekenbezwaar.

Briefje

In de beslissing van de Amsterdamse raad van discipline van 11 november 2019 lezen we meer details over de zaak, deels afkomstig uit processen-verbaal in de strafzaken. Zo betrof de vondst in zijn huis 3,4 kilo amfetamine, plus een hoop andere spullen om pillen te draaien.

In het huis van de No Surrender-baas O vond men een arbeidsovereenkomst: de heer O was in 2016 zeven maanden in dienst bij mr. X als ‘buitendienstmedewerker annex cliëntencontactpersoon’. Hij had een telefoon en visitekaartjes ‘van de zaak’.

In februari 2017 bezocht mr. X de heer O in de gevangenis. Toen hij weer wegging, I-phone en blocnote in de hand, werd hij op de parkeerplaats aangehouden. In het hoesje van zijn I-phone zat een briefje verstopt waarop stond: ‘Laat [W.] zijn waardevolle spullen bij [F.] op zolder zetten.’ Mr. X werd vastgezet. Na binnenkomst in de cel liet mr. X nog een propje nat, bijna onleesbaar papier op de grond vallen – een stukje van een brief die mr. X naar eigen zeggen van de heer O had gekregen om mee te nemen. Hij had niet durven weigeren en had de brief in paniek op de WC willen versnipperen en wegspoelen, maar dat was blijkbaar niet helemaal gelukt.

Failliet

Mr. X was ook advocaat van een zorgstichting, waarvoor hij via zijn kantoorrekening betalingen deed. Toen de stichting failliet ging weigerde hij verantwoording af te leggen aan de curator. Zonder overleg met de curator verrekende hij € 110.000 voor zijn eigen werkzaamheden met het geld van de stichting. En dan waren er nog een hoop onverklaarbare contante geldopnames en –stortingen en een reeks auto’s die op naam stonden van mr. X maar vermoedelijk van criminelen waren…

De raad acht gegrond dat mr. X zijn praktijk niet op orde had en dat hij feitelijk niet op zijn kantoor in Amsterdam maar in zijn Haagse woonhuis kantoor hield. Hij reageerde onvoldoende op verzoeken van de deken, hield geld van cliënten op zijn kantoorrekening in plaats van een  derdenrekening en ‘bankierde’ voor cliënten (mag niet, zie toelichting op afdeling 6.5 Voda, en leidt tot toepasselijkheid Wwft). Bovendien weigerde hij ten onrechte dossiers aan de curator van de zorgstichting te overhandigen. Verder maakte hij misbruik van zijn advocatenprivilege door briefjes die niet met de zaak te maken hadden de PI uit te smokkelen. En hij bood zijn cliënt de mogelijkheid zijn kantoor als dekmantel voor criminele advocaten te gebruiken door een dienstverband met hem aan te gaan. De raad acht het aannemelijk dat mr. X ‘minst genomen’ wist van de amfetamine en de andere drugs-spullen bij hem thuis. Alleen dat mr. X had witgewassen vond de raad onvoldoende aannemelijk.

Mr. X wordt geschrapt, maar kan nog in appel.

Trudeke

Trudeke Sillevis Smitt

Freelance redacteur

Profiel-pagina
Advertentie