Een evenement, ter gelegenheid van International Coming Out Day, dat wordt gehost door een high end advocatenkantoor als De Brauw Blackstone Westbroek? Ondenkbaar in Kameroen. ‘Tot een jaar of vijf, zes geleden was het onderwerp “homoseksualiteit” bij ons volstrekt onbespreekbaar,’ zegt de Kameroense advocaat Michel Togué, eregast en spreker tijdens het evenement dat werd georganiseerd door Stichting FORWARD en Lawyers for Lawyers. ‘Dat is nu wel iets beter. Mensen kunnen ertegen zijn, maar het onderwerp ligt nu tenminste op tafel. Ik denk dat het komt door het werk dat wij in de afgelopen jaren hebben verzet.’

Met ‘wij’ bedoelt Togué de enige twee Kameroense advocaten die zaken rond discriminatie van lhbt’ers durven aan te nemen: hijzelf en zijn collega Alice Nkom. Voor hun werk ontvingen zij in 2017 de Nederlandse Geuzenpenning uit handen van oud-advocaat, rechter en politicus Boris Dittrich, die ook nu weer van de partij was.

Op het ‘plegen van seksuele handelingen met mensen van hetzelfde geslacht’ staat in Kameroen een gevangenisstraf van vijf jaar. Daarmee schendt het West-Afrikaanse land de internationale verdragen waaraan het zich heeft gecommitteerd. Bij de periodieke reviews (UPR) van de Verenigde Naties werd het land herhaaldelijk – met name door de Verenigde Staten – opgeroepen om homo­seksualiteit uit het Wetboek van Strafrecht te halen. Maar homofobie is in Kameroen diepgeworteld, zegt Togué. ‘Er wordt gezegd dat het niet bij onze cultuur hoort, dat het iets is van witte mensen uit het westen. Bizar. De meeste gays in Kameroen zijn nog nooit in het buitenland geweest, hoe zou dat dan kunnen? Het is gewoon onwetendheid.’

Togué en Nkom voerden de afgelopen jaren tientallen zaken waarbij ze steeds een stukje verder komen. Een zaak die hem nu bezighoudt, is van een man die door zijn werkgever, een hotel, was ontslagen. ‘Volgens de baas ging het verhaal onder collega’s dat hij homoseksueel was. Die baas vroeg hem ernaar maar mijn cliënt zei: “Dat gaat je niks aan, dit is een privékwestie.” Dat kostte hem zijn baan. Daarop sommeerde ik die baas om het achterstallige loon te betalen, maar dat weigerde hij. Erger nog: hij gaf hem aan bij de politie. Mijn cliënt werd gearresteerd en gedwongen om in het ziekenhuis een anaal onder­zoek te ondergaan. Je kunt je voorstellen hoeveel mensenrechten hier worden geschonden.’

De man werd veroordeeld tot acht maanden cel, die hij moet uitzitten tot zijn hoger beroep dient. Hij is niet de enige, vertelt Togué. ‘Andere zaken liggen inmiddels bij de Hoge Raad. We wachten op een uitspraak, daarna kunnen we naar interna­tionale instanties, zoals het Afrikaanse Mensenrechtenhof of het Antifoltercomité van de Verenigde Naties.’

Vanwege zijn werk werd Togué jarenlang dermate ernstig bedreigd dat zijn vrouw en kinderen inmiddels in de VS wonen. Toch is er hoop: er zijn rechters die best oor hebben naar zijn pleidooien en een eerlijk proces voorstaan. ‘Maar rechters zijn ook maar gewone mensen. De verandering moet komen uit de politiek. Ooit zullen de rechten van lhbt’ers worden gerespecteerd. Dat heeft tijd nodig. Kijk naar jullie land: lhbt’ers kunnen pas sinds 2001 met elkaar trouwen. Toen de huidige – stokoude – president Biya de vraag kreeg waarom hij deze wet nog handhaafde, antwoordde hij dat de mensen er nog niet klaar voor zijn. Maar de belangrijkste oppositieleider, Maurice Kamto, is onlangs vrijgelaten uit de gevangenis. Hij is tegen deze wet. Dus we hopen dat die, bij de volgende verkiezingen, wordt verkozen.’

tat1

Tatiana Scheltema

Freelance journalist

Profiel-pagina
Advertentie