De cliënt van mr. X had een bedrijf dat online beleggingsinformatie gaf. Toen hij op een forum ten onrechte ‘charlatan’ en ‘oplichter’ werd genoemd en in verband werd gebracht met porno- en gokwebsites, wilde hij actie.

Met instemming van de cliënt sommeerde mr. X de beheerder van het online forum om alles te verwijderen en – met het oog op een schadeclaim – te vertellen wie die beschuldigingen hadden gedaan. De wederpartij was bereid de onjuiste informatie offline te halen, maar de gevraagde gegevens wilde men niet prijsgeven.

De cliënt nam daarmee geen genoegen en wilde gaan procederen. Mr. X zag daar het nut niet van in, want een schadeclaim tegen de plaatsers van het bericht leek weinig kans van slagen te hebben. Maar de cliënt bleef bij zijn standpunt, zeker toen ook nog eens bleek dat de moderator van het forum zelf betrokken was geweest bij het plaatsen van het bericht.

In een e-mail aan de advocaat van de wederpartij vertelde mr. X dat de cliënt niet wilde bewegen, maar hij zei er ‘confraterneel’ bij dat hij wel wilde proberen de zaak zonder procederen op te lossen. Hij voegde er een concreet voorstel aan toe. Hij stuurde dat bericht niet door aan de cliënt en ook de reactie erop hield hij voor zich – dat zou maar discussies opleveren.

Het schikken lukte niet, de cliënt vroeg de stukken op en uiteindelijk kwam de ‘confraternele’ correspondentie boven tafel. Kon het, wat mr. X had gedaan? De raad van discipline vond van niet en gaf mr. X een waarschuwing.

In appel zei mr. X dat hij inmiddels begreep dat ‘confraterneel’ niet inhoudt dat een advocaat zijn cliënt niet hoeft te informeren. Toch mocht hij best zonder uitdrukkelijke instemming aftasten of een schikking erin zat, vond hij. Het bericht vooraf aan cliënt voorleggen had maar tot ‘onnodige discussie’ geleid.

Maar het Hof van Discipline is het daar niet mee eens. Bij goede dienstverlening hoort dat een advocaat zijn cliënt goed op de hoogte houdt van belangrijke informatie, feiten en afspraken (gedragsregel 16). Dat betekent niet dat je alle correspondentie integraal hoeft door te sturen. Maar bewust een bericht sturen zonder je cliënt erin te kennen om discussie uit de weg te gaan: dat mag niet. Mr. X had die discussie met de cliënt juist wél moeten voeren.

Een cliënt moet er op kunnen vertrouwen dat je niet eigenmachtig berichten stuurt die in strijd kunnen zijn met de wensen die de cliënt kenbaar heeft gemaakt. Ook het doen van (een aanzet tot) een onderhandelingsvoorstel aan de wederpartij zonder overleg met de cliënt acht het hof tuchtrechtelijk verwijtbaar, zeker nu mr. X daarbij was ingegaan op zaken die de cliënt kort daarvoor nog als onbespreekbaar had afgewezen. Ook in appel wordt het een waarschuwing.

Trudeke

Trudeke Sillevis Smitt

Freelance redacteur

Profiel-pagina
Advertentie