‘Na ons gesprek vandaag op kantoor en na ik heb een gesprek met de Facilitair Manager, informeer ik je het volgende: Over uw verzoek om drie weken vrij te nemen is niet mogelijk, na het zien van jou overuren kun je slechts een week vrij hebben. (…)’

Zo begon een bericht van de werkgever aan de cliënte van mr. X . De cliënte stuurde het aan mr. X met als doel  het te gebruiken in de procedure met haar ex over de verdeling van de zomervakantie in het kader van de omgangsregeling met de dochter. Onderaan de mail stond het logo van de werkgever.

Mr. X stuurde de e-mail door naar de rechtbank, maar de wederpartij rook kennelijk lont – als ex herkende hij wellicht het soort van taalfoutjes dat zijn ex altijd maakte. Nog diezelfde dag mailde de advocaat van de ex aan de rechter dat de werkgever desgevraagd had laten weten het bericht over de vrije dagen niet te hebben geschreven.

Verifiëren

Een dag later was de zitting. Mr. X trok het nep-bericht ter plekke in. Haar cliënte kreeg een kostenveroordeling omdat zij de rechtbank valselijk had voorgelicht.

De ex klaagt over mr. X: zij had van tevoren moeten verifiëren of het bericht van de werkgever wel echt was, vond hij. Mr. X wijst in haar verweer op de termijn voor het indienen van stukken, de vertrouwensband met de vrouw en de inhoud van de mail, die volgens haar geen ‘geen blijk gaf van enige onechtheid’.

Naar aanleiding van het bericht van de wederpartij had ze nog diezelfde dag geprobeerd haar cliënte te bereiken – tevergeefs. Toen ze haar vóór de zitting sprak, gaf de cliënte toe dat ze een oude mail van haar werkgever had aangepast. Mr. X had de rechtbank nog voor haar pleidooi meegedeeld dat zij de e-mail van de werkgever introk.

Ongegrond

Daar viel niets op aan te merken, vond de plaatsvervangend voorzitter van de Amsterdamse raad van discipline. Een advocaat mag in het algemeen afgaan op de informatie die zijn cliënt hem verschaft, en hoeft slechts in uitzonderingsgevallen de juistheid ervan te verifiëren.

Het taalgebruik in de werkgeversmail was weliswaar gebrekkig, maar dat was onvoldoende voor de conclusie dat mr. X aan de echtheid had moeten twijfelen. Bovendien had ze de mail ingetrokken toen ze erachter kwam, zodat de klagende ex er geen schade van had ondervonden. Kennelijk ongegrond.

Van een kennelijk-ongegrondverklaring  kun je binnen dertig dagen in verzet komen bij de voltallige raad; die termijn loopt nog.

 

 

Trudeke

Trudeke Sillevis Smitt

Freelance redacteur

Profiel-pagina
Advertentie