De Tijdelijke regelingen op basis van de tijdelijke coronawet kunnen grondrechten van burgers ingrijpend beperken. De toelichting op de rechtvaardiging en de juridische basis hiervan moeten daarom toereikend zijn. Dat is op dit moment nog niet op alle fronten zo, schrijft de NOvA in het wetgevingsadvies.

De rechtvaardiging van de beperking van grondrechten, bijvoorbeeld op het eigendomsrecht, het recht op vereniging en het recht op lichamelijke integriteit, schiet tekort, stelt de NOvA in het advies over de Tijdelijke regeling maatregelen Covid-19 en de Regeling aanvullende mondkapjesverplichting Covid-19.  Als het aan de regering ligt, gaan de regelingen per 1 december, of zo mogelijk eerder, in.

Boete mondkapjesplicht

De NOvA benadrukt dat de maximale boete van € 435,00 voor overtreding van de mondkapjesplicht verstrekkende gevolgen heeft. ‘Boetes hoger dan € 100,00 zorgen namelijk voor een aantekening in het documentatieregister (ook wel strafblad) en leiden tot problemen bij de aanvraag van een Verklaring Omtrent Gedrag.’

Daarom dringt de NOvA er bij de regering op aan de maximale boete voor overtreding van de mondkapjesplicht voor publieke binnenruimten op een bedrag van € 95,00 vast te stellen. ‘Dit sluit aan bij de overtreding van het houden van een veilige afstand, waarvoor de maximale boete door de minister en wetgever eerder al is teruggebracht tot 95,00 euro, zoals ook geadviseerd door de NOvA.’

Redactie Advocatenblad

Profiel-pagina
Advertentie