Het Haagse gerechtshof oordeelde deze week dat de uitspraak van de voorzieningenrechter, dezelfde dag, moet worden geschorst en de avondklok van kracht blijft. Uitzonderlijk aan deze uitspraak is de snelheid waarmee dit spoedappel wordt afgewikkeld.

Hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Leiden en advocaat bij Stibbe Tom Barkhuysen: ‘Het gaat hier natuurlijk om een uniek belang, in het kader van de pandemiebestrijding. Maar ik heb regelmatig zaken gehad, waar er echt heel grote financiële belangen voor ondernemingen of burgers op het spel stonden. Daarbij heb ik nooit zoveel souplesse van de gerechtshoven meegemaakt als nu in de richting van de staat. Dat kan echter wel zoals nu blijkt. Ik vind daarom dat gerechtshoven in andere zaken waar grote ondernemingsbelangen of belangen van burgers op het spel staan, vaker bereid moeten zijn een spoedappel daadwerkelijk een spoedappel te laten zijn.’

De uitspraak van het Haagse hof deze week oogstte veel kritiek. Barkhuysen kan zich in deze uitspraak echter wel vinden. ‘Dit was eigenlijk een soort orde uitspraak. Het hof heeft niets gezegd over de juistheid van de redenering van de uitspraak van de voorzieningenrechter. Het ging over de vraag: wat doen we in de periode tussen de uitspraak van de voorzieningenrechter en de uitspraak van het hof in het inhoudelijke spoedappel dat nog deze week wordt verwacht. Puur op basis van een niet-inhoudelijke belangenafweging heeft het hof daar gezegd: het belang voor Viruswaarheid om nog een paar dagen te wachten voordat de avondklok misschien wordt afgeschaft, weegt niet op tegen het belang van de staat om de avondklok zonder onderbreking te continueren.’

Meteorietinslag

Voor het invoeren van de avondklok is gebruik gemaakt van de Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag (Wbbbg) op basis waarvan de regering bij koninklijk besluit zonder instemming van het parlement kan handelen. Om voor deze route te kiezen, moet er echter sprake zijn van zeer spoedeisende en buitengewone omstandigheden. Barkhuysen wijst erop dat er voorafgaand aan de invoering van de avondklok, enige tijd over is gepraat. ‘Dit kwam niet als donderslag bij heldere hemel. De avondklok is niet te vergelijken met een meteorietinslag. Afgaande op de fundamentele beperking van de grondrechten van burgers die deze wet met zich meebrengt, vind ik het nogal wat om de invoering van de avondklok zonder instemming van de Eerste en Tweede Kamer tot stand te laten komen.’

Barkhuysen benadrukt de precedentwerking van de invoering van de avondklok via deze route. ‘Je moet je realiseren dat er zo jurisprudentie wordt geschapen die van belang gaat zijn in de toekomst. Stel je voor dat je een regering hebt die met een minder nobel doel een avondklok zou willen instellen met voorbijgaan van het parlement. Met de uitspraak deze week heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank de moed gehad om de vinger op de zere plek te leggen. Met al het ongemak van dien. Het is te hopen dat deze uitspraak in het spoedappel door het hof in stand wordt gelaten. Dat kan ook zonder dat de avondklok sneuvelt nu de regering inmiddels de juiste route aan het bewandelen is via een spoedwet in het parlement.’

Sabine Droogleever Fortuyn

Sabine Droogleever Fortuyn

Redacteur

Profiel-pagina
Advertentie