‘Als sociaal advocaat kun je in Noord-Nederland tegenwoordig nauwelijks meer je boterham verdienen,’ vertelt Heleen Klatter (58), met een solopraktijk in Veendam. ‘Voor de specifieke gespecialiseerde praktijk, waar de Raad voor Rechtsbijstand mee werkt, zijn er hier te weinig zaken. Als je staat ingeschreven voor civiel jeugdrecht krijg je één gesloten uithuisplaatsing per jaar toegewezen voor slechts 800 euro. Terwijl je aan opleidingsvereisten jaarlijks 1.500 euro kwijt bent. Ik ben er tot mijn grote spijt mee gestopt, net als met het bijzonder curatorschap.’ De vergoedingen voor dit soort zaken zijn volgens Klatter veel te laag. ‘Je besteedt er gemiddeld vijftig uur aan, terwijl reistijd en noodzakelijke opleidingskosten niet worden vergoed. Het kan gewoon niet meer uit.

Openingsbeeld regionale praktijk onder druk s
Beeld: Kees van de Veen

Een typerend verhaal, vindt Eef van de Wiel (59), deken van Advocatenorde Noord-Nederland. Natuurlijk, in heel het land zucht de sociale advocatuur onder de gedaalde tarieven, maar in plattelandsregio’s is de nood extra hoog. ‘In kleinere gemeenschappen hebben advocaten vaker een algemene praktijk. In Emmen of Coevorden doe je zo’n beetje alles,’ stelt ze vast. ‘Zo bestrijk je meer rechtsgebieden en heb je hogere opleidingskosten. In een stad als Rotterdam kun je zeggen: ik doe het jeugdstrafrecht en mijn buurman het volwassenenstrafrecht.’ Van de Wiel is pas een klein jaar deken, maar heeft al veel zorgwekkende omzetcijfers voorbij zien komen: ‘Het is een wonder dat sommigen nog bestaan. Dat lukt dus ook niet altijd.’

Zorgwekkend

Eef van de wiel s
Eef van de Wiel

De recente statistieken van het landelijk tableau spreken duidelijke taal: in de arrondissementen Noord-Nederland en Limburg daalde het aantal advocaten in de afgelopen vijf jaar ruim acht procent (zie graphic). Dit terwijl het landelijk gemiddelde in die periode licht steeg en in andere regio’s sterk groeide, met als uitschieter Amsterdam met een aanwas van ruim zes procent. Een zorgwekkende ontwikkeling, vinden Van de Wiel en haar Limburgse collega-deken Hans Vogels: ‘Ik volg dat met zorg,’ zegt Vogels. ‘In de exitgesprekken die ik met advocaten voer, probeer ik mijn antennes open te houden voor mogelijke verklaringen. Maar dat is vooral op de tast.’

Een klassieke verklaring lijkt de achterblijvende economische groei aan de randen van Nederland. Noord-Nederland en Limburg figureren van oudsher in de schoolboeken als gebieden die slechts moeizaam zijn opgekrabbeld na de teloorgang van de oude regionale industrie, zoals de Limburgse mijnbouw. Nog steeds zijn de economische rapportcijfers er beneden gemiddeld, net als de vooruitzichten voor de toekomst. Ook de bevolking groeit minder hard dan in de rest van het land, of krimpt licht. ‘Hoe kleiner de bevolking, hoe minder clientèle voor advocaten,’ aldus Paul Elhorst (62), econoom aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Die krimp is echter klein, dat heeft maar een heel matige invloed,’ vult econoom Wil Foppen (74) van Maastricht University aan. Hetzelfde geldt voor de economische groei, die blijft niet alleen de laatste vijf jaar achter. ‘Limburg en andere perifere gebieden hebben al decennia last van de aantrekkingskracht van de stad,’ aldus Foppen. ‘Deze langetermijnurbanisatie verklaart niet direct de recente afkalving van het aantal advocaten.’

Wil Foppen s
Wil Foppen

Beide economen zoeken de oorzaak in meer specifieke factoren. Naast het extra kwetsbare verdienmodel voor sociaal advocaten in de rurale regio, noemen ze de achteruitgang van het lokale midden- en kleinbedrijf. ‘Het mkb is in Limburg de laatste paar jaar met zes tot acht procent gekrompen,’ weet Foppen. ‘Dat is een stevige tik voor alle mkb-gerelateerde advocaten. Zeker als je weet dat het mkb in onze provincie relatief het grootste aandeel heeft in de economie.’ Ook in Noord-Nederland is het midden- en kleinbedrijf belangrijk. ‘Dat is typisch voor gebieden aan de rand van Nederland,’ stelt Elhorst. ‘In het midden en westen zitten meer grote bedrijven en kantoren. Die doen makkelijker een beroep op de advocatuur. Daarom groeit in Amsterdam de populatie advocaten.’

Aarzeling

Jacques Paulissen s
Jacques Paulissen

Jacques Paulissen (66) uit het Limburgse Neerbeek en zijn regionale confrères ondervinden de teruggang en terughoudendheid van het mkb. ‘De zwaardere jongens in het bedrijfsleven kunnen bij geschillen nog investeren in een oplossing via een advocaat, maar bij de kleinere ondernemingen is de aarzeling groter geworden. Zeg maar de slager om de hoek, die belt minder snel.’ Om dat te beperken, past hij voor deze groep zijn tarieven aan. ‘Soms maak je de afspraak: tot deze prijs en niet verder.’ De tarieven zijn pittig voor de kleinere ondernemer, ook in Noord-Nederland: ‘De advocatenkosten zijn de afgelopen tien à vijftien jaar behoorlijk gestegen,’ zegt Elhorst. ‘Een groeiende groep bedrijven kan zich dat niet meer veroorloven.’

Paulissen verdient het grootse deel van zijn inkomen via faillissementen. ‘Daar zijn de uurtarieven best fors. Met mijn ervaringsniveau praat je al gauw over 350 euro.’ Helaas heeft de coronacrisis paradoxaal genoeg niet geleid tot meer maar minder faillissementen, in tegenstelling tot de hoge piek tijdens de kredietcrisis. ‘Verschillende collega-curatoren hebben daar last van,’ ziet Paulissen.

De jaarlijkse Kleos benchmark advocatuur van Wolters Kluwer over 2020 laat zien dat de groeiverwachting van regiokantoren doorgaans lager is dan bij kantoren in de Randstad: 53 procent van de kleine en middelgrote kantoren uit de regio denkt in 2021 een hogere omzet te verwerven, tegen 64 procent binnen hetzelfde marktsegment in de Randstad. Het gemiddelde uurtarief in de regio steeg ook minder snel: met 1 euro tot 211 euro tegen 9 euro stijging tot 239 euro in het westen. Het aandeel kleine tot middelgrote regiokantoren dat een daling van de omzet en winst voorziet groeit, terwijl die categorie daalt in de Randstad.

Nieuwe aanwas

Hans Vogels s
Hans Vogels

Het versomberde toekomstsentiment zorgt er niet alleen voor dat de nodige advocaten in de provincie hun toga aan de wilgen hangen. Zorgelijker is dat de aanwas van nieuwe vakgenoten dit onvoldoende compenseert, vinden Vogels en Van de Wiel. ‘De vervanging gaat niet goed,’ constateert Van de Wiel. ‘Vorig jaar hadden we 21 nieuwe advocaat-stagiairs. Dat weegt niet op tegen de 47 gestopte advocaten in 2020.’

Een verhaal dat dit illustreert is dat van Piet Brauer, sinds 1981 sociaal advocaat in Heerlen. Al veertig jaar komt hij op voor zijn kwetsbare cliënten. ‘De overheid een pootje lichten, of bij de UWV iets voor elkaar krijgen, daar doe ik het voor.’ Maar Brauer heeft zijn inkomen stevig zien slinken. ‘Ik verdiende altijd goed, nu houd ik mede het hoofd boven water omdat het kantoorpand lastenvrij is.’ In 2019 deed hij bij de NOvA voor het eerst een beroep op de mogelijkheid om een lagere advocatenbijdrage te betalen. ‘Dat scheelt toch weer 700 euro.’ Brauer runt het kantoor samen met zijn stiefdochter, maar het is nog geen uitgemaakte zaak dat zij het stokje overneemt. ‘Ze huivert een beetje bij de gedachte hoe het verder moet als sociaal advocaat. Voor de nieuwe generatie loont het niet meer zoals vroeger.’

Brauers deken Vogels ziet het steeds vaker gebeuren: advocaten die switchen naar een ander beroep. ‘Dan worden ze bijvoorbeeld griffier bij de rechtbank of bedrijfsjurist. Een vast inkomen verzekerd. De maatschappelijke beweeglijkheid van professionals is een stuk groter dan in de tijd dat ik begon. Vroeger werd je advocaat voor het leven, vaak op één plek. Een maatschap duurde langer dan veel huwelijken. Nu is persoonlijke groei belangrijker en wisselen mensen sneller van baan.’ Foppen onderstreept dit: ‘Het grote voordeel is de veel grotere reikwijdte van je loopbaan, een nadeel is de verwatering van de professionele identiteit. De doordeseming van bepaalde vakgebieden wordt minder, ook in de advocatuur.’

Groeimarkten

Paul Elhorst s
Paul Elhorst

Toch zijn er ook kansen en groeimarkten voor advocatenkantoren in Limburg en Noord-Nederland. ‘De energietransitie levert in Groningen steeds meer economische activiteit op,’ vertelt Elhorst. ‘De aardgaswinning loopt terug, maar daar komen andere vormen van energie voor terug, zoals waterstof.’

Ook Limburg heeft zijn economische hotspots, aldus Foppen. ‘We hebben vier zogeheten brightlands campussen met een mix van bedrijvigheid, wetenschap en innovatie: in Maastricht, Heerlen, Venlo en Sittard-Geleen. Dat is voor juristen een interessant werkterrein.’ Bovendien grenst Limburg aan Noordrijn-Westfalen, beklemtonen Foppen en Vogels. ‘Een gigantische economie, vergelijkbaar met die van Nederland,’ weet Foppen. ‘Grensoverschrijdende huwelijken, verkeersongevallen van auto’s met Duitse nummerplaten in Nederland, juridische adviezen voor bedrijven die de grens oversteken. Er zijn legio mogelijkheden,’ volgens Vogels.

Hans Koenders
Hans Koenders

Advocaten en kantoren die focussen op dit soort niches, varen daar wel bij. Hans Koenders (45) van Dorhout Advocaten in Groningen heeft zich heel bewust gespecialiseerd in het energierecht. ‘Ik dacht vijftien jaar geleden bij mezelf: waar gaat het gebeuren in Noord-Nederland, waar zit muziek in? Ik heb toen gesproken met allerlei mensen en instituties. Daar rolde de energiesector uit.’ Zijn strategie heeft vruchten afgeworpen. Koenders bestiert een bloeiende praktijk met een uiteenlopende portefeuille aan cliënten. Zoals een groepje boeren dat samen een park met zonnepanelen wil ontwikkelen. ‘Ik help ze met de keuze van de locatie, het vraagstuk of ze hun stroom wel op het net kwijtkunnen en welke rechtspersoon het meest geschikt is. Daarvoor moet ik thuis zijn in een mix van rechtsgebieden, dus heb ik veel geïnvesteerd in opleiding.’ Het kostte Koenders de nodige avonden en weekenden, maar het heeft zich uitbetaald: ‘Ik wilde graag hier in de regio blijven werken en wonen, met mijn vrouw en vier kinderen. Op deze manier is dat mogelijk gebleken.’

In Limburg weet het kantoor Boels Zanders zich positief te onderscheiden. Met vestigingen in Maastricht, Venlo en in Eindhoven groeit het al jaren gestaag. ‘Wij richten ons duidelijk op bepaalde segmenten, zoals grotere bedrijven en het hogere mkb,’ aldus partner Harm Heynen (43). ‘Als je steeds opereert op dezelfde zakelijke markt begrijp je waar iemand mee bezig is. Bedrijven stellen dat op prijs.’ De uitbreiding naar Brabant met een kantoor in Eindhoven heeft ook een impuls gegeven. ‘Die vestiging groeit snel, in die regio gebeurt ontzettend veel.’

Harm Heynen s
Harm Heynen

De keuze voor specialisatie en focus loont, ervaren Heynen en Koenders. Daar moet je als advocaat ook moeite voor doen, stelt Koenders. ‘De kansen komen niet naar jou toe. In plattelandsregio’s liggen bijvoorbeeld veel mogelijkheden in het agrarisch recht. Daar zijn betrekkelijk weinig advocaten actief, terwijl er veel complexe juridische vraagstukken leven, zoals pacht- en milieuzaken.’ Kantoren die niet genoeg specialiseren struikelen frequenter, is de overtuiging van Heynen. ‘Het valt op dat veel eenpitters met een algemene praktijk in de problemen komen. Je kunt niet meer al die rechtsgebieden doen.’

Sociaal zwakkeren

Heleen-Klatter s
Heleen Klatter

Dat levert wel een pijnlijk nadeel op, benadrukken diverse betrokkenen. Niet alleen de sociaal advocaten raken in het gedrang, ook de rechtzoekenden die zij bijstaan. ‘Het gaat om sociaal zwakke gezinnen uit Stadskanaal of Winschoten waar kinderen uit huis worden geplaatst,’ zegt Klatter. ‘Die mensen moeten steeds vaker leuren met hun zaak bij meerdere advocaten, omdat een groeiend aantal kantoren ermee stopt. Dat raakt mij verschrikkelijk.’ Brauer ziet in Heerlen hetzelfde gebeuren: ‘Meer en meer collega’s eisen dat cliënten direct de 152 euro eigen bijdrage meenemen, anders komen ze niet binnen. Ik kan me dat echt niet voorstellen. Ik wil mensen helpen, de financiën komen later.’

Deken Van de Wiel maakt zich op dit punt grote zorgen: ‘Uitgerekend in de regio hebben deze groepen het moeilijk. Zij moeten bediend kunnen blijven door de advocatuur, een rechtsbijstandsverzekering kunnen ze niet betalen.’ Daarom is ze als deken bezig met een regionale oplossing: een lagere advocatenbijdrage voor Noord-Nederlandse advocaten met een relatief laag inkomen. ‘We willen de bijdrage net als op landelijk niveau inkomensafhankelijk maken. Op de komende jaarvergadering in maart leg ik die optie voor. De regionale bijdrage is in Noord-Nederland 660 euro: draagkrachtige kantoren zouden volgens het plan 100 tot 150 euro extra gaan betalen, kantoren met een krappe begroting substantieel minder.’

Piet Brauer s
Piet Brauer

Klatter is een groot voorstander: ‘Omdat ik naast mijn toevoegingspraktijk ook meer betalende cliënten heb, verdien ik tegenwoordig meer. Ik zou graag wat extra betalen om de sociale advocatuur te steunen.’ Hetzelfde hebben diverse grote kantoren aangegeven, aldus Van de Wiel.

Ook landelijke steunmaatregelen kunnen soelaas bieden. De tijdelijke verhoging van de toevoegingstarieven voor zaken in de sociale zekerheid heeft Brauer en zijn schoondochter geholpen. ‘Daardoor hebben we vorig jaar beter geboerd.’ Ook de subsidieregeling voor stagiairs bij sociale kantoren die op vraag van de NOvA in het leven is geroepen, kan volgens Klatter zoden aan de dijk zetten. ‘Zeker voor regiokantoren kan dat de drempel verlagen.’

Daarnaast biedt de landelijke liberalisering van de onderlinge samenwerking tussen advocaten mogelijkheden. Veel kleine kantoren willen graag kosten besparen op huisvesting, zonder meteen financieel te fuseren. ‘Ik zie dat steeds vaker gebeuren,’ signaleert Paulissen. Daartoe is zes jaar geleden de Verordening op de advocatuur aangepast, toen Vogels deel uitmaakte van de algemene raad van de NOvA: ‘Je kunt nu makkelijker faciliteiten delen met behoud van financiële zelfstandigheid. Als deken leg ik die mogelijkheid altijd voor, dat is nog niet tot alle advocaten doorgedrongen.’

Rust en ruimte

Sympathieke initiatieven, vinden Foppen en Elhorst. Maar als economen zien zij meer heil in het versterken van het ondernemend potentieel en het regionale vestigingsklimaat. Het unique sellingpoint van het rurale Limburg en Noord-Nederland is rust en ruimte. ‘Er komen steeds meer Randstedelingen hier die niet meer driehoog achter in de Jordaan willen wonen,’ vertelt Van de Wiel. ‘De huizenprijzen schieten omhoog, zeker nu we door corona hebben ontdekt dat op afstand werken makkelijker is dan gedacht.’ Foppen verwacht dat deze trend zich stevig gaat doorzetten. Voor een kantoor als Boels Zanders is dat gunstig. ‘In de war on talent kunnen wij ieder argument gebruiken,’ schetst Heynen. ‘Als mensen per se om de hoek bij het Congresgebouw willen wonen, maak je geen kans. Maar wij laten zien hoe riant je hier kunt wonen. En hoe dichtbij bruisende buitenlandse steden zoals Keulen en Brussel zijn.’

Vogels is voor meer gezamenlijke promotie van de eigen regio. De advocatuur zou natuurlijke partners als de provincie en ketenpartners moeten verleiden om samen op te trekken. ‘Bij de rechterlijke macht in Limburg hebben ze ook moeite om mensen van buiten aan te werven. Laat collectief zien hoe mooi en kansrijk het hier is.’ En prik dan meteen de droom door dat het advocatenparadijs in de Randstad, vult Foppen aan. ‘Klopt dat beeld wel of komen ook veel jonge advocaten op de Zuidas bedrogen uit?’ Het zou mooi zijn als meer Groningse rechtenstudenten kiezen voor noordelijke kantoren als De Haan en Trip, denkt Van de Wiel. ‘De magie van Stibbe of De Brauw kan behoorlijk tegenvallen. Iedere student komt voor de keuze te staan: ga ik weg of blijf ik hier? Het is aan ons om meer jong talent te behouden.’

Stijn Dunk

Redacteur Advocatenblad

Profiel-pagina
Advertentie