De dag van de crash, bijna zeven jaar geleden, herinnert Sander de Lang, (SAP Letselschade Advocaten, Amersfoort) zich nog haarscherp. ‘Ik was op de terugweg van vakantie, stopte bij een benzinestation vlak onder Lyon, bij Valence. Daar op een televisiescherm bij de kassa was er breaking news van CNN. Ik zag een grote rookpluim, van een neergestort vliegtuig. Iedereen was stil, keek ernaar.’  

Vanwege zijn eerdere betrokkenheid als letselschadeadvocaat bij grote rampen begonnen journalisten hem de uren daarna te bellen. ’Mijn vakantie was voorbij. Vanaf dat moment zit ik in deze zaak. Het is een roller coaster, met veel grote emoties die erbij komen kijken.’  

Binnen een halfjaar na de ramp werd het kernteam opgericht, bestaande uit zes Nederlandse letselschadeadvocaten. Daaruit ontstond het Rechtsbijstandsteam MH17 (RBT MH17). Aanvankelijk zetten de advocaten zich in voor het verkrijgen van schadevergoeding van Malaysia Airlines, zegt De Lang. ‘Maar al gauw zagen we in dat het niet alleen Malaysia Airlines betrof, maar veel verder ging. Bovendien gaat het de nabestaanden niet zozeer om de schadevergoeding, maar om de waarheidsvinding en wie er verantwoordelijk is.’

Nabestaanden

Het strafproces richt zich tegen drie Russische en een Oekraïense verdachte. 572 nabestaanden van 233 slachtoffers hebben zich gemeld in het strafproces, waar zij hun rechten kunnen uitoefenen. Het is dit gezelschap dat wordt bijgestaan door het RBT MH17. Vanwege de strafrechtelijke aspecten is het team inmiddels uitgebreid met twee strafrechtadvocaten (zie kader). De acht leden komen van verschillende kantoren. Niettemin zijn het geen onbekenden van elkaar. Met een aantal van de advocaten werkte De Lang al eerder samen, zoals bij de Turkish Airlines ramp in 2009 en bij de Tripoli ramp in 2010. ‘Maar die samenwerking was niet zo hecht als in deze zaak.’ Qua omvang, en de internationale en geopolitieke aspecten van deze zaak, is de MH17-crash veel gecompliceerder. Arlette Schijns van Beer advocaten in Amsterdam: ‘We realiseren ons dat iedere zitting weer een historisch moment is. We hebben ook veel contact met de bijna zeshonderd nabestaanden voor wie het ongelofelijk belangrijk is dat dit proces in Nederland plaatsvindt. Omdat we nauw in contact staan met hen, ervaren wij dat ook zo.’  

RBT MH17 vormt een gedreven team, zegt De Lang. ‘De energie die we in deze zaak stoppen is ongekend. Misschien verklaart dat wel waarom we zo’n hecht team zijn.’ Schijns: ‘Iedereen realiseert zich dat het eigen ego ondergeschikt is aan het grote belang van de nabestaanden. Zij hebben belang bij een eenduidige communicatie en advisering. Voor hen is er niets vervelender dan van de ene advocaat advies A te krijgen en van de andere advocaat advies B. Dat vergroot de onzekerheid onder nabestaanden, en dat moet koste wat kost worden voorkomen.’ Schijns benadrukt dat het ook in het belang van de rechtbank en het Openbaar Ministerie is dat de advocaten van de nabestaanden in deze zaak als team optreden. ‘Als alle nabestaanden een eigen advocaat zouden nemen, of zich lieten bijstaan per groepje van tien, zat je met zestig advocaten in de rechtszaal, dan krijg je een onwerkbare situatie.’  

De advocaten denken dat meer zaken zich lenen voor een gezamenlijke aanpak. De Lang: ‘Uitgangspunt is natuurlijk het belang van je cliënt. Niet iedere zaak leent zich voor bijstand van een groep advocaten van verschillende kantoren. Maar als ik terugkijk naar zaken uit het verleden kan een samenwerkingsverband van advocaten in grotere rampzaken heel nuttig zijn. Het cliëntbelang is dan gediend bij het algemeen belang.’  

De onderlinge, nauwe samenwerking ervaren ze als uniek. Schijns: ‘In andere zaken komt het natuurlijk weleens voor dat je de expertise van een advocaat van een ander kantoor inhuurt. Maar onze samenwerking in deze zaak gaat veel verder dan dat. We treden als advocaten – werkend bij verschillende kantoren – naar buiten toe op als één team. We doen deze zaak echt met z’n achten. Ook hebben we één gezamenlijk processtuk ingediend, namens de nabestaanden. In die zin voelt het alsof we als één kantoor optreden.’ De Lang voegt toe: ‘Veel dingen kunnen we ook alleen in teamverband delen. Het strafdossier is bijvoorbeeld aan ons overhandigd met de mededeling dat we het niet mogen delen met kantoorgenoten.’  

Luchtdoelraket  

De Malaysia Airlines-vlucht 17 (MH17) stortte op 17 juli 2014 neer bij het Oost-Oekraïense dorp Hrabove in de oblast Donetsk. Het vliegtuig was geraakt door een luchtdoelraket. Rondom Donetsk was op dat moment een Russisch-Oekraïense oorlog gaande. Geen van de 283 passagiers en 15 bemanningsleden overleefde deze crash. De meeste inzittenden, 193, hadden de Nederlandse nationaliteit. Andere passagiers kwamen uit Maleisië, Australië, Indonesië, het Verenigd Koninkrijk, België, Duitsland, de Filipijnen, Canada en Nieuw-Zeeland.  

Afgeluisterd

De RBT’ers behandelen de informatie uit het strafproces met strikte veiligheidsmaatregelen. Ze houden er rekening mee dat ze worden afgeluisterd door een Russische inlichtingendienst, zegt de Amsterdamse strafrechtadvocaat Maarten Pijnenburg (Dekens Pijnenburg Strafrechtadvocaten). ‘Laat ik het diplomatiek zeggen. We houden op z’n minst rekening met mogelijke betrokkenheid van Rusland.’ Puur inhoudelijke overleggen voeren ze niet online, maar tijdens fysieke bijeenkomsten. De laptops en telefoons gaan dan uit.  

Eerdere ervaringen versterken het vermoeden dat de Russen meeluisteren. De Lang: ‘In 2017 hadden we bijvoorbeeld een besloten bijeenkomst met de nabestaanden. Daarin deelden we informatie over onze strategie in de diverse lopende procedures. De volgende dag stond die informatie op een Russische blog, inclusief de foto’s van het zaaltje waar het overleg had plaatsgevonden en de pasfoto’s van de advocaten van het rechtsbijstandsteam.’ Een eyeopener, noemt de Lang het. ‘We kunnen er niemand van beschuldigen. Maar het is wel een feit dat het is gebeurd. Voor ons een les. Voor het delen van gevoelige informatie, met name de informatie uit het strafdossier, komen we bij elkaar. Daarnaast hebben we diverse veiligheidsmaatregelen getroffen. De informatie uit het strafdossier kunnen we bijvoorbeeld niet met onze cliënten delen.’  

Binnen het RBT komt niet alleen het strafdossier op tafel. Ook andere zaken passeren de revue, zoals het overleg met derde partijen, de hoogte van de schadevergoeding voor de nabestaanden, het uitoefenen van het spreekrecht, de emoties bij de nabestaanden. Schijns: ‘We realiseren ons natuurlijk dat deze zaak een enorme psychologische impact heeft op de nabestaanden. Zo staan we in contact met een aantal hoogleraren psychologie van de Rijksuniversiteit Groningen. Zij onderzoeken hoe de nabestaanden het strafproces ervaren.’  

Af en toe leidt het tot spanning, tussen het RBT en het OM. Pijnenburg: ‘De nabestaanden willen weten in hoeverre de mensen die nu terechtstaan ook strafrechtelijk verantwoordelijk kunnen worden gehouden voor het overlijden van hun dierbaren. Vandaar dat wij daar bovenop zitten. Dat geeft soms wel een bepaalde spanning. Het OM werkt onder hoge druk, ook tijdsdruk. Maar ons belang is om de nabestaanden zo goed mogelijk te informeren, binnen de kaders van wat we vanuit het perspectief van informatieveiligheid kunnen delen.’  

Letselschade- en strafrechtadvocaten  

Het Rechtsbijstandsteam MH17 bestaat uit letselschadeadvocaten Sander de Lang (SAP Letselschade Advocaten, Amersfoort), Arlette Schijns (Beer advocaten, Amsterdam), Peter Langstraat (Moree Gelderblom Advocaten, Rotterdam), Evert Wytema (Van Wassenaer Wytema, Haarlem), Maya Spetter (Spetter advocaat & mediator, Amersfoort) en Antoinette Collignon (Legaltree Advocaten, Amsterdam). Strafrechtadvocaten Maarten Pijnenburg (Dekens Pijnenburg Strafrechtadvocaten, Amsterdam) en Ruth Jager (Dijkstra & Jager advocaten, Amersfoort) hebben zich sinds de start van het MH17-strafproces bij het team aangesloten.  

Het RBT is betrokken bij verschillende procedures, waarvan sommige inmiddels zijn afgesloten. Een procedure tegen Malaysia Airlines voor het verkrijgen van een schadevergoeding is afgerond. Bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens loopt een procedure tegen de Russische Federatie, waarin het land verantwoordelijk wordt gesteld voor de dood van 298 burgers. Daarnaast is het RBT betrokken bij de zogeheten staatsaansprakelijkheid van Rusland, waarbij de Nederlandse Staat de Russische Federatie aansprakelijk heeft gesteld. Het RBT heeft geprobeerd in de VS een civiele procedure te starten tegen de financiers van de Oekraïense rebellen, maar die procedure is door een uitspraak van de Supreme Court inmiddels niet meer mogelijk. In het Nederlandse strafproces tegen de vier verdachten treedt het RBT op voor ongeveer 572 nabestaanden van 233 slachtoffers. Het RBT heeft namens een groot aantal van hen een schadeclaim neergelegd van in totaal 11 miljoen euro, circa 50.000 euro per slachtoffer.  

Emotioneel beladen

De emotionele beladenheid van de zaak trekt een wissel op de raadslieden zelf. Het gezamenlijk optrekken in teamverband vervult ook op dat punt een functie. Tijdens de fysieke bijeenkomsten, één keer per maand of een keer per twee maanden, kunnen ze stoom afblazen. Gezamenlijk praten ze over de extra werkdruk die het proces meebrengt bij alle raadslieden, die naast hun bijstand in het MH17-proces ook nog een ‘gewone’ praktijk voeren. Ook vinden ze gehoor bij elkaar over het verdriet van de nabestaanden.  

Schijns herinnert zich dat ze overvallen werd door emoties bij het opstellen van de vorderingen voor de schadevergoedingen, half april. ‘We hadden de nabestaanden gevraagd een foto mee te sturen van de overledenen, om de overledenen zo in het strafproces een gezicht te geven. Bij iedere mail die ik openmaakte, stonden de tranen in mijn ogen. Je ziet jonge kinderen, hele families, soms een hele generatie. Tegelijkertijd zijn het ook die emoties die me enorm motiveren om de nabestaanden zo goed mogelijk bij te staan.’ De Lang: ‘Het bijzondere in deze zaak is dat de nabestaanden nog volop in hun rouw zitten. Dit proces moeten ze daar dwars doorheen doen. Maar de emoties, die zijn nog volop aanwezig. Ook al is het bijna zeven jaar na dato.’  

Hoewel er vier verdachten terechtstaan in het proces, zal geen van hen op zitting aanwezig zijn. Alleen de advocaten van de Russische verdachte Oleg Poelatov verdedigen hun cliënt. Schijns: ‘Dat de verdachten niet aanwezig zijn, is een manco van dit proces. Normaal gesproken wordt de verdachte echt bevraagd over zijn rol in het geheel, hij kan dan ook verklaringen afleggen. Het zijn juist die verklaringen waar de nabestaanden naar op zoek zijn. Die blijven nu uit.’  

Niettemin had het RBT niet op hun aanwezigheid gerekend, zegt De Lang. ‘Ik ben blij dat er in ieder geval één van de vier verdachten wordt verdedigd door advocaten. Dat zorgt ervoor dat je meer een proces op tegenspraak hebt, en dat geeft meer legitimiteit aan het hele strafproces.’ Schijns: ‘En ook voor de manier waarop de nabestaanden het proces ervaren, is de aanwezigheid van de verdediging van een van de verdachten belangrijk. Ook al vinden ze het af en toe ook moeilijk om te horen wat de verdediging zegt.’  

Toevoeging zonder bovengrens  

Het aantal uren dat de advocaten van het RBT in de zaak stoppen, varieert per week. In de piekweken zijn ze er meer dan fulltime mee bezig. Het onderling overleg vergt ook de nodige tijd. Dat overleg is een continu proces dat ook in de avonden en weekenden plaatsvindt.  

De Raad voor Rechtsbijstand heeft extra geld beschikbaar gemaakt voor de acht advocaten uit het RBT omdat het zo’n tijdrovende zaak is. Voor de declaratie van hun uren zijn de advocaten uit het Rechtsbijstandsteam niet gebonden aan een maximum. Ze moeten hun uren wel verantwoorden. Voor de advocaten, van wie de meerderheid in een commerciële praktijk werkt, is een vergoeding op basis van toevoeging geen vetpot, zeggen ze. Schijns: ‘Daarmee kun je de normale kantoorkosten niet dekken.’  

Tegelijkertijd zijn ze positief over de manier waarop de Raad voor Rechtsbijstand zich opstelt. Pijnenburg: ‘In deze barre tijden van rechtsbijstand wordt getracht ons tegemoet te komen. We moeten onze uren uitgebreid motiveren, maar het werkt wel.’  

Spreekrecht

Het strafproces loopt in ieder geval door tot volgend voorjaar. Aankomende september wordt een extra belangrijke maand voor het RBT. De Lang: ‘Dan dient het spreekrecht van de nabestaanden zich aan. Negentig nabestaanden gaan het woord voeren. Daar komt veel logistiek bij kijken. We maken een planning voor het spreken van de nabestaanden. En houden ons bezig met het opzetten van verbindingen met het buitenland. Want er zijn ook veel buitenlandse nabestaanden die willen spreken.’

Schijns: ‘Dat spreekrecht wordt een historisch moment. Negentig nabestaanden gaan het woord voeren. De rechtbank heeft daar drie weken de tijd voor uitgetrokken. Dat heeft zich in een strafproces in Nederland nog nooit voorgedaan. Via een livestream is het ook over de hele wereld te volgen. Het is een ongelofelijk belangrijk moment voor de nabestaanden. Zij kunnen hun stem laten horen.’

Sabine Droogleever Fortuyn

Sabine Droogleever Fortuyn

Redacteur

Profiel-pagina
Advertentie