Volgens informatie die nu bekend is, betreft het een detentielocatie die niet beschikte over een geldige vergunning van de inspectie, zoals wettelijk vereist is.  Er wordt verschillend geoordeeld over de kwaliteit van deze detentieomstandigheden. Was de ruimte mensonwaardig of slechts ‘onconventioneel’? Deze discussie kon mede ontstaan omdat de ruimte niet de wettelijk voorgeschreven goedkeuring had gekregen en evenmin, naar het schijnt, tevoren was gecontroleerd.

Bij de ingebruikneming van nieuwe strafgevangenissen, onder andere enkele jaren terug in Zaanstad, werd behalve de voorgeschreven goedkeuring, ook nog proefgedraaid met bewaarders. Daardoor konden zwakke plekken ontdekt worden (zoals ontsnappingsplekken of fouten in het systeem). Dergelijke  gebreken deden zich in casu daadwerkelijk ook voor bij de detentiesituatie van mr. Weski, met betrekking tot technische problemen, met betrekking tot de celafsluiting, met betrekking tot communicatie met de cipiers en met betrekking tot de medische zorg van de kwetsbare gedetineerde. De goedkeuring door de inspectie en extra controle zijn dus bepaald niet overbodig , maar integendeel uitermate belangrijk.

Die discussie is relevant, maar nog belangrijker is een fundamenteler punt: de overheid heeft hier al dan niet bewust gebruik gemaakt van een detentieplek die in strijd is met de wet. Dat is geen kleinigheid. In een rechtsstaat geldt de wet voor iedereen, ook voor de staat zelf. Wanneer de overheid bewust afwijkt van de eigen regels, moet zij daarover openheid van zaken geven.

Als de Minister, het Openbaar Ministerie, de Rechtbank of de betrokken justitiële diensten menen dat er in deze unieke strafzaak zwaarwegende redenen waren om juist deze locatie te gebruiken, dan moeten zij dat hardop durven zeggen. Dan kan daar een democratisch en juridisch debat over plaatsvinden. Is het soms gerechtvaardigd om in een uitzonderlijke situatie tijdelijk van regels af te wijken? Dat is een moeilijke, maar legitieme discussie.

Maar wat we nu zien, is geen transparantie of debat. Wat we zien is stilzwijgen. Normalisering. Alsof het vanzelfsprekend is dat de overheid haar eigen regels niet hoeft te volgen. Dat is een glijdende schaal en een directe ondermijning van de rechtsstaat. Juist in complexe, beladen zaken zoals deze moet de overheid laten zien dat zij zich aan de spelregels houdt. Want als de staat het niet meer nodig vindt om rekenschap af te leggen over wetsovertredingen, wie blijft er dan nog over om de rechtsorde te bewaken? De rechtsstaat wordt niet sterker door fouten te verdoezelen, maar door ze onder ogen te zien en recht te zetten.

Tenslotte heeft Justitie ook nog iets uit te leggen over het niet doorsturen van de penitentiaire klachten van mr. Weski aan de wettelijk betrokken Commissie van Toezicht. Dat lijkt ons zeer waarschijnlijk wederom een ernstige  inbreuk op de rechtsstaat, waardoor aan de op dat moment eenzaam opgesloten verdachte haar wettelijke en verdragsrechtelijke penitentiaire rechten ontnomen werden.

Symone Gaasbeek-Wielinga en Hans Gaasbeek, sociaal advocaten in Haarlem en bestuursleden van de Stichting Internationale Dag van de Bedreigde Advocaat.

Advertentie