Mr. X is deze week Reinout Sterk, militair advocaat die eerder werkte bij het ministerie van Defensie en zich op sociale media luid en duidelijk uitspreekt over wat er in Gaza gebeurt. Hij nam deel aan een stille tocht van advocaten in toga en hield daarbij  een toespraak. Hij sprak bij de ambtenaren-sit-in bij het ministerie van Buitenlandse Zaken en op een bijeenkomst van Amnesty International. Op LinkedIn riep hij advocaten op in toga naar een Nakba-herdenking te komen.

Klagers verwijten mr. X onder meer dat hij op sociale media een cartoon plaatste met daarin een afbeelding van een jodenster en swastika en dat hij bij een video op LinkedIn schreef: ‘This reminds me of the nazi’s’. Ook mocht mr. X volgens klagers niet in het openbaar zeggen dat voor 99,9 procent vaststaat dat Israël bij het bestoken van doelen in Gaza het oorlogsrecht schond, zonder erbij te zeggen dat hij dat van TikTok had. Ook mocht hij volgens klagers in toga niet zeggen dat Israël oorlogsmisdaden pleegt zonder duidelijk te maken op welke bronnen hij dit baseerde.

Klagers ervaren de gedragingen van mr. X als grievend en bedreigend. Zij stellen dat zij rechtstreeks in een eigen belang zijn getroffen vanwege hun Joodse achtergrond en oorlogsverleden.

De voorzitter van de raad van discipline Amsterdam oordeelt dat dit criterium onvoldoende onderscheidend is om klagers te kwalificeren als rechtstreeks belanghebbenden  – een voorwaarde om te mogen klagen.

En voor zover klagers stellen dat mr. X de waardigheid en integriteit van de beroepsgroep schaadt of het Kostuum- en titulatuurbesluit overtreedt, gaat het om kwesties van algemeen belang, waarover volgens vaste jurisprudentie alleen de deken kan klagen.

De klacht is kennelijk niet-ontvankelijk.

 Een jaar geleden behandelde de Haagse raad van discipline ook een zaak over een advocaat die zich inzet voor de Palestijnse zaak. Deze advocaat meldde op X dat hij aangifte had gedaan tegen een Nederlandse Israëlier op de Westelijke Jordaanoever. Hij beschuldigde deze man van diefstal van land van Palestijnen en bedreigend rondlopen met automatische vuurwapens in bezet gebied.

In die tuchtzaak was wel duidelijk sprake van een direct belang: klager was de beschuldigde en zijn naam was zichtbaar op een foto in het X-bericht. De raad van discipline Den Haag gaf een berisping omdat de advocaat discreter had moeten zijn bij het publiceren van gegevens die tot de persoon herleidbaar waren (en die voor zijn boodschap niet relevant waren).

In die Haagse uitspraak is ook te lezen aan welke criteria de tuchtrechter toetst als de vrijheid van meningsuiting van advocaten in het geding is – maar dan moet de klager dus wel een rechtstreeks belang hebben.

Trudeke

Trudeke Sillevis Smitt

Freelance redacteur

Profile page
Advertentie