De rechtbank Amsterdam oordeelde eerder dat het OM bepaalde fragmenten mocht gebruiken, ook al vallen die onder het verschoningsrecht. Wijlen Peter R. de Vries maakte de opnamen in 2019 op een advocatenkantoor, in bijzijn van de advocaten Khalid Kasem en zijn zoon Royce de Vries. Uit de geheime opnames zou blijken dat een DJI-medewerker zich mogelijk liet omkopen. De beide advocaten stelden cassatie in tegen het besluit van de Amsterdamse rechter.
De Hoge Raad vindt dat de rechtbank onvoldoende heeft gemotiveerd of doorbreking van het verschoningsrecht niet onevenredig de belangen van andere cliënten schaadt. Volgens vaste rechtspraak mag een inbreuk op het verschoningsrecht niet verder gaan dan strikt noodzakelijk voor waarheidsvinding. De rechtbank moet dit opnieuw beoordelen.
De HR volgt daarmee het eerdere advies van AG Van Wees.