in beeld
Image credit: Jeroen Jumelet / ANP

Een legertje advocaten verzamelde zich 14 januari voor de Amster­damse Onder­nemings­kamer. Twee partijen met allebei forse advocaten­teams kwamen die dag voor de gespecialiseerde recht­bank hun zaak verdedigen in het hoog opgelopen conflict rond de Nijmeegse chipfabrikant Nexperia.

Rechts zat ‘kamp Nexperia’, bestaande uit de drie bestuurders van het bedrijf, de onder­nemingsraad, het ministerie van Economische Zaken en hun advocaten. Links zetelde het advocatenteam van de Chinese Nexperia-eigenaar Wingtech en de geschorste topman Xuezheng Zhang, zelf niet aanwezig. Het team bestaat uit onder meer een delegatie van Clifford Chance (op de foto v.l.n.r.: Anne Hendrikx, Siert Klinkhamer, Dirk-Jan Duynstee en Guido Bergervoet).

In oktober nam de Ondernemingskamer op verzoek van de drie bestuursleden van Nexperia een aantal maat­regelen, waar­door Zhang met Wingtech de controle over het bedrijf kwijtraakte. Iets eerder had de minister van Economische Zaken een vergelijkbare stap gezet.

Het was het begin van een economisch en diplomatiek conflict. Door een breuk tussen de Europese en Chinese fabrieken van de onder­neming raakte de productie verstoord en bleven klanten verstoken van chips.

Op zitting namen de partijen uitgebreid de tijd hun argumenten uiteen te zetten. Nexperia wil dat de Ondernemingskamer een onderzoek gelast naar vermeend wanbeleid bij het bedrijf en vroeg de in oktober ingestelde maat­regelen te handhaven. De advocaten van Wingtech verwierpen alle beschuldigingen en omschreven de geschorste topman als een geweldige ondernemer, verantwoordelijk voor het enorme succes van Nexperia. Volgens hen zijn de bestuurders, het ministerie en de Ondernemingskamer verantwoordelijk voor de desastreuze gevolgen van het ingrijpen afgelopen herfst. Zij willen geen onderzoek, omdat het chipbedrijf daar niets bij te winnen zou hebben. Ook pleitten zij ervoor dat de Chinese eigenaren en bestuurders weer de volledige controle over het bedrijf krijgen. De Ondernemingskamer heeft vier weken de tijd genomen om tot een oordeel te komen.

Advertentie