Het CvT ziet toe op de werking van het toezicht op advocaten en de behandeling van klachten over advocaten door de lokale dekens. De capaciteit van de dekenbureau’s blijft ‘kwetsbaar’, constateert het college. Dit komt onder meer door een toename van het aantal veelklagers. Ook zijn de indieners van klachten bij de dekens ‘proceslustiger’ geworden en neemt de complexiteit van de klachten toe.

De toegenomen werkdruk wordt eveneens veroorzaakt door een stijging van het aantal artikel 13-verzoeken. Dat is een verzoek van burgers aan de deken om een advocaat toegewezen te krijgen, omdat zij die zelf niet kunnen vinden. De groei wordt door het CvT onder meer toegeschreven aan de actuele tekorten in de sociale advocatuur.

Punt van zorg

Het college gaat in zijn jaarverslag ook in op de rol bij het lokale toezicht door de leden van de raden van orde. ‘Er zijn dekens die deze leden in meer of mindere mate bij het toezicht betrekken. Zij vinden dit gewenst vanwege de benodigde expertise’, schrijft het CvT. ‘Dat kan leiden tot vragen over onafhankelijkheid, dat voor het college een punt van zorg en aandacht blijft. Een mogelijke oplossing is om leden van een andere raad van de orde in te schakelen’.

Het CvT wijst bovendien op het belang van een uniforme werkwijze en vastlegging van gegevens door de lokale dekens. Enerzijds hebben de dekens stappen gezet om te komen tot een verdere centralisatie van het toezicht. Tegelijkertijd zijn de lokale verschillen in de uitvoering van het toezicht en de klachtbehandeling gelijk gebleven aan vorig jaar, stelt het college vast.

Lees hier het hele jaarverslag

Advertentie