Bijna alle partijen in de Eerste Kamer stemden voor de twee wetsvoorstellen die de invoering van het nieuwe wetboek regelen. Alleen de fractie van Forum voor Democratie was tegen. Het parlement toonde zich tevreden over de modernisering van het WSv, dat inmiddels bijna honderd jaar oud is.
Digitaal bij de tijd
Het nieuwe wetboek treedt naar verwachting in werking op 1 april 2029 en vormt het fundament voor de opsporing, vervolging en berechting van verdachten. In de komende drie jaar krijgen de advocatuur, het Openbaar Ministerie, de rechtspraak en de politie de tijd om hun werkwijze en digitale systemen aan te passen. Een betere aansluiting op de huidige digitale praktijk van de betrokken ketenpartners is een belangrijk onderdeel van het gemoderniseerde WSv.
Vroege voorbereiding
Een prominent inhoudelijk aspect van het vernieuwde wetboek is de zogeheten ‘beweging naar voren’. Dit betekent dat de diverse procespartijen al voor de zitting van een strafzaak daadwerkelijk hun voorbereidingen moeten treffen. Processtukken dienen bijvoorbeeld tijdig beschikbaar te zijn. Wanneer er een procesinleiding ligt, moet de verdediging binnen een maand verzoeken tot getuigenverhoor indienen. De rechter-commissaris krijgt hierbij de regierol.