Mr. X is advocaat van een broer en zus. Hun vader zat met een adviseur bij een toegevoegd notaris. Per ongeluk belde de vader zijn dochter – een broekzakgesprek. Het hele gesprek met de toegevoegd notaris werd opgenomen.

Het ging over het wijzigen van vaders testament en het opstellen van een levenstestament. Dochter en zoon maakten uit de opname op dat de partner, een andere dochter en de adviseur van hun vader op hem inpraatten.

Mr. X diende namens de broer en zus een verzoek tot ondercuratelestelling van hun vader in. Een transcript van het broekzakgesprek ging als productie mee. Zonder effect: de vordering werd afgewezen. Op het transcript ging de rechter niet in. Tijdens het hoger beroep overleed de vader.

De toegevoegd notaris, de notaris en het notariskantoor klagen bij de raad van discipline Arnhem-Leeuwarden dat mr. X het gesprek had gebruikt, terwijl hij wist of kon weten dat het heimelijk was opgenomen en dus door misdrijf, althans onrechtmatig was verkregen. Mr. X had meegewerkt aan schending van zijn ambtsgeheim. Dit ondermijnt het vertrouwen in de notariële beroepsgroep, aldus klagers.

Volgens mr. X was het aan de civiele rechter om al dan niet acht te slaan op onrechtmatig verkregen bewijsmiddelen. Uitzonderingen daargelaten is het niet  tuchtrechtelijk verwijtbaar om gebruik te maken van een van je cliënt gekregen bewijsstuk.

De raad onderschrijft dat. Het algemeen belang dat de waarheid aan het licht komt en het belang dat je je stellingen aannemelijk kunt maken wegen in beginsel zwaarder dan het belang van uitsluiting van bewijs. Advocaten moeten vanwege de partijdigheid bewijsmiddelen, waaronder heimelijk opgenomen gesprekken, waar mogelijk in het voordeel van hun cliënt gebruiken, aldus de raad.

Maar dat is geen vrijbrief, de advocaat moet een eigen afweging maken. In dit geval gaat het er niet zozeer om dat een stiekem gemaakte opname is overgelegd, maar om het feit dat de notariële vertrouwelijkheid is geschonden. Dat was niet geoorloofd, zegt de raad.

Het algemene maatschappelijke belang dat mensen vertrouwelijk met een verschoningsgerechtigde notaris, arts, advocaat of geestelijke kunnen praten, moet volgens de raad prevaleren boven de waarheidsvinding en de partijdigheid. Mogelijk zijn er uitzonderingen, maar daarvoor had mr. X toestemming van de notaris moeten vragen en bij gebreke van een oplossing de deken moeten raadplegen.

Verzachtende omstandigheden: geen tuchtrechtelijk verleden, mr. X meende juist te handelen, er was nog geen jurisprudentie over en mr. X zal het oordeel ter harte nemen. Hij krijgt een waarschuwing.

Trudeke

Trudeke Sillevis Smitt

Freelance redacteur

Profile page
Advertentie