‘Mr. Vermeij had een rustige en tegelijkertijd zelfverzekerde presentatie. Hier stond een advocaat die zeker was van zijn zaak!’ Veel meer rechterlijke lof kun je als raadsman niet toegezwaaid krijgen. Niet verwonderlijk dus dat de jury van de Landelijke Pleitwedstrijden stagiair Coen Vermeij uitriep tot kampioen van 2026.
Eind juni bonden tien advocaat-stagiairs – winnaars van de Plaatselijke Pleitwedstrijden – met elkaar de strijd aan in fictieve casussen. Zij moesten de jury – voorgezeten door de president van rechtbank Midden-Nederland – overtuigen van hun juridische vaardigheden en overtuigingskracht. Vermeij slaagde daarin het best. Hij bouwde zijn pleidooi sterk op, zette een scherpe analyse neer en hield de aandacht vast, luidde het eindoordeel.
De zopas dertig geworden Vermeij verwierf daarmee eeuwige roem en glorie én een wisselbeker. Hij gloeit nog altijd een beetje van trots. ‘Ik vind pleiten ontzettend leuk om te doen. Naast rechten heb ik ook literatuur gestudeerd. Ik lees veel en ben graag met taal bezig.’
Een vaste plek op de schoorsteenmantel krijgt de wisselbeker niet. Vermeij – sinds ruim twee jaar in dienst bij AKD – pendelt in het dagelijks leven heen en weer tussen Rotterdam, waar hij deel uitmaakt van de balie, en Brussel, waar het zwaartepunt van zijn werk ligt. De eretitel Beste Pleiter neemt hij mee de zittingszaal in. ‘We doen veel aanbestedingsrecht, waarbij we vaak procederen. Tijdens de mondelinge behandeling in kort geding zijn goede pleitvaardigheden belangrijk.’