De algemene raad gaf donderdag zijn reactie op het wetsvoorstel van staatssecretaris Claudia van Bruggen (Rechtsbescherming) voor de oprichting van de OTA. Het NOvA-bestuur zegt de hoofdlijnen van het wetsvoorstel te ondersteunen: de oprichting van één landelijke, onafhankelijke toezichthouder onder de vleugels van de NOvA. Niettemin acht het wel aanpassing nodig om onder meer de kosten te beheersen.
Volgens de algemene raad dreigt de nieuwe toezichthouder topzwaar te worden. Een vijfkoppig bestuur, een eigen bureau met directeur, toezichthouders en ondersteuning en een college van toezicht met drie kroonleden; het is te veel van het goede, meent de NOvA. ‘Niet valt in te zien dat een dergelijke omvang noodzakelijk en proportioneel is, gelet op de kosten van deze inrichting in verhouding tot het aantal onder toezicht gestelden en in vergelijking met andere toezichthouders.’
De beroepsorganisatie zegt bang te zijn dat het toezicht substantieel duurder gaat worden dan nu het geval is. Ze wijst er daarbij op de kosten van het toezicht worden gedragen door de balie zelf en dat met name sociale kantoren daar een hele kluif aan hebben. De NOvA pleit voor waarborgen die de kosten van de OTA in de hand moeten houden.
Klachtrecht
De NOvA denkt dat kan worden volstaan met een OTA-bestuur dat uit drie personen bestaat, waarvan minimaal één advocaat is. Anders dan Van Bruggen voor ogen heeft zou het bestuur niet moeten worden benoemd door de algemene raad, maar door een raad van toezicht. Die raad van toezicht kan dan de plaats innemen van het huidige college van toezicht.
Volgens de algemene raad moet de OTA zich uitsluitend toeleggen op toezicht en dient de afhandeling van klachten tegen advocaten tot nader order bij de lokale dekens te blijven liggen. Dat staat haaks op het standpunt van de lokale dekens, die menen dat de oprichting van de OTA dient samen te vallen met de modernisering van het klachtrecht. De NOvA zegt begrip te hebben voor die wens, maar wil niet dat de oprichting van de OTA erdoor vertraagd wordt. De algemene raad belooft nog voor het einde van dit jaar zijn plan te presenteren voor modernisering van het klachtrecht.
De algemene raad vraagt de staatssecretaris verder niet alleen de individuele advocaat, maar ook het kantoor als normadressaat in wet op te nemen. Dat betekent dat niet alleen individuele advocaten, maar ook kantoren met sancties te maken kunnen krijgen als ze niet voldoen aan kernwaarden, de Advocatenwet en/of NOvA-verordeningen.