Stapert stond Nabil B., kroongetuige in het Marengoproces, bij in 2017-2018. Als raadsman onderhandelde hij, samen met de later vermoorde Derk Wiersum, over de kroongetuigendeal met het Openbaar Ministerie. B. toonde zich achteraf ontevreden over deze deal en diende een tuchtklacht in tegen Stapert. Hij verweet hem dat hij te solistisch had gehandeld. Specifiek maakte B. bezwaar dat hij niks wist van de uitgebreide whatsapp-uitwisseling die Stapert onderhield met het OM.
In zijn uitspraak geeft het Hof van Discipline B. hierin gelijk: de ruim 400 berichten gingen ‘volledig buiten klager om’. Volgens het Hof had Stapert aan zijn cliënt toestemming moeten vragen voor ‘de aard en de strekking van de berichten’ en B. achteraf dienen te informeren over de inhoud ervan.

'Precaire informatie'

Daarnaast oordeelt het Hof dat Stapert zich in het app-contact met het OM had moeten onthouden van mededelingen over de gemoedstoestand van zijn cliënt. Zo meldde hij onder meer hij dat B. ‘zwaar overspannen’ leek. Het ging hier volgens het Hof om ‘precaire informatie’, waarvan hij als advocaat had moeten weten dat hij die alleen met toestemming van B. had mogen delen. Hiermee heeft Stapert in de ogen van het Hof de geheimhoudingsplicht geschonden. Daarmee oordeelt de hoogste tuchtrechter op dit punt strenger dan gebeurde in de uitspraak van de Raad van Discipline in 2025. De opgelegde sanctie is ook zwaarder: in plaats van een waarschuwing krijgt Stapert nu een berisping. Overigens ging Stapert zelf in hoger beroep.

Inmiddels is Stapert raadsheer bij gerechtshof Den Haag. Hij wordt intensief beveiligd wegens de grote veiligheidsrisico’s sinds het liquideren van diverse betrokkenen bij Nabil B., waaronder Derk Wiersum. Dit heeft het Hof meegewogen, net als dat ‘hij als advocaat van B. in een lastige kwestie heeft moeten handelen op een toentertijd onontgonnen terrein’.

Advertentie