Van (gedwongen) uitleg

We beginnen met vier recente uitspraken die een illustratieve dwarsdoorsnede vormen van de uitlegrechtspraak. Elk arrest bevestigt dat de Hoge Raad onderscheid maakt tussen enerzijds het vaststellen van de inhoud van de rechtsverhouding via de Haviltex-maatstaf of de cao-norm en anderzijds de daaropvolgende kwalificatie en toepassing van dwingendrechtelijke of aanvullende regels. In het Bouwregelingen-arrest benadrukt de Hoge Raad bovendien dat de rechter onduidelijke bepalingen moet uitleggen; enkel constateren dat de tekst ambigu is, volstaat niet. Parallel hieraan tonen het arrest Westinvest/​Huurgarantie en het arrest Portaal/​Vaststellingsovereen­komst hoe de Hoge Raad de aanvulling en correctie van overeen­komsten door redelijkheid en billijkheid positioneert. In Westinvest maakt de Hoge Raad duidelijk dat een strikte taalkundige benadering onvoldoende is wanneer partijen in de uitvoering tegen een onvoorziene lacune aanlopen. Het arrest Portaal/​Vaststellingsovereen­komst bevestigt op zijn beurt de tweestap uit HR 20 december 2019 (Inscharing) en HR 11 februari 2011 (Timeshare): eerst uitleg, dan kwalificatie.

Lees verder in het oktobernummer.